(foto: Kaat Pype, MUA: Sarina Mannaert)

Ik wil ook getuigen  

Vrouwen verdienen vandaag nog steeds 20% minder dan mannen.

En dat is niet oké. Met deze actie willen we de persoonlijke verhalen achter deze cijfers bloot leggen. Laat ons weten of jij ooit al discriminatie hebt meegemaakt en hoe? Misschien heb jij wel een manier gevonden om ermee om te gaan, deel het hier zodat anderen er hun voordeel mee kunnen doen. Of wie weet heb jij goede ideeën om de ongelijkheid weg te werken, schrijf ze neer. Door jullie getuigenissen, verhalen, bedenkingen, wensen, …  te verzamelen, kunnen we leren van elkaar en hopelijk zo sneller ingrijpen als we zelf discriminatie meemaken of er getuige van zijn. Ook mannen worden hiertoe uitgenodigd.

"Mannen die feministen herleiden tot mannenhaters kunnen nog niet goed om met het feit dat niet alles meer om mannen draait" (Auteur Saskia De Coster, meter van de campagne #tisnietoké)

Deel hier jouw verhaal (al dan niet anoniem) en/of deel vervolgens deze pagina op jouw facebook en/of twitter zodat ook jouw vrienden en kennissen hun ervaringen met ongelijkheid op de werkvloer kunnen delen. Hoe meer verhalen we verzamelen, hoe sterker we zullen staan om de ongelijkheid aan te pakken want het feit dat vrouwen vandaag nog steeds 20% minder verdienen dan mannen, #tisnietoké.

"Meisjes moeten blijkbaar vooral braaf en mooi zijn” (VRT-journaliste Danira Boukhriss Terkessidis en slimste vrouw ter wereld)

Ik wil ook getuigen Bekende Vrouwen getuigen Meer achtergrond   

Meer info over het interactief sofagesprek op 5 maart met Bekende Vrouwen vind je hier.

 

 

Getuigenissen

Selectieproeven brandweer
anoniem_0.jpg
Anoniem
Ik heb een tijd terug meegedaan aan de selectieproeven van de brandweer in Antwerpen. Het verbaasde me dat de discriminatie tussen mannen en vrouwen er nog zo sterk heerste. Ik was geslaagd in de sportproeven en mocht door naar de praktische technische proeven. Tijdens deze proeven was er telkens een verantwoordelijke aanwezig om punten te geven, 1 daarvan kende ik(via het klimmen) en hij heeft gezien dat ik in alle 3 proeven geslaagd was. Ik was zelf er ook heel tevreden van dat het heel goed verlopen is, maar de kapitein beslist ongeacht of je geslaagd bent of niet. Dat laatste vond ik zo oneerlijk en discriminerend, en gewoon omdat ik als enigste vrouw overbleef tussen 500 mannen. Het is duidelijk dat de kapitein geen vrouwen wil.
Toen ik 29 was en zwanger
anoniem_0.jpg
Alleenstaande moeder en harde werker
Toen ik 29 was en zwanger, liep mijn relatie stuk. Ik heb dan besloten het kindje te houden. Beslissing is niet het juiste woord: rationeel gezien wist ik wel dat ik voor de moeilijkste weg koos maar de stem van mijn hart en mijn buik smoorde elk argument. Van de vader was na de breuk geen spoor te bekennen en dat is ook zo gebleven. Op aanraden van een advocate vroeg ik geen alimentatie. Want met plichten komen ook rechten (bijvoorbeeld bezoekrecht) en haar ervaring leerde haar dat dit in de meeste gevallen voor heel veel problemen zorgde. Ondertussen zijn we twaalf jaar verder. En ja, eigen kind, schoon kind, maar het mag gezegd: ik heb een schat van een dochter. Ik heb met haar een heel bijzondere band doordat we het gewoon met ons tweetjes doen. Of eigenlijk moet ik zeggen: met drie. Want ik kan gelukkig op mijn mama rekenen die er al twaalf jaar voor ons staat. Als een meeting uitloopt, als ze ziek is, als ik naar het buitenland moet voor het werk. Als dat niet zo was geweest, dan was ik waarschijnlijk ook een vogel voor de kansarmoedestatistieken die telkens opnieuw aantonen dat alleenstaande moeders het heel moeilijk hebben om het hoofd boven water te houden. Zonder mijn mama was ook ik gedoemd om een job te kiezen met regelmatige uren en met veel begrip voor mijn situatie. Lees: minder betaald. Ik kan niet elke dag om 18u aan de schoolpoort staan (leve de files, trouwens, maar da’s een ander debat), ik kan mijn baas niet zeggen dat ik de komende twee dagen niet kan komen werken omdat mijn dochter griep heeft. Als ik dan al ’s uitzonderlijk zelf mijn dochter kan oppikken aan school, dan staan daar wel heel veel mama’s. En ja, dat pikt. Maar bon, ik ben ‘adulte et vaccinée’ en ik moet dus meer werken dan anderen. ’s Avonds weggaan (restaurant, theater,…) zit er ook niet in: ik moet al voor zoveel praktische dingen een beroep doen op mijn mama dat ik haar niet nog ’s wil inschakelen voor mijn plezier. Plus, ik moet al zoveel missen van mijn dochter dat ik er voor haar wil zijn wanneer dat kan. Maar ik mis mezelf wel soms. Ik heb geen wonderoplossing voor de steeds groter wordende groep alleenstaande ouders (ja, ook vaders). Misschien moeten we onze krachten bundelen en een single parent lobby worden. Een Gezinsbond maar versie 2.0. Ah maar wacht, we kunnen niet vergaderen want dan zitten we weer met dat oppasprobleem. Het zou al helpen als er iets, net iets, meer rekening gehouden wordt met ons. Op de werkvloer maar ook in wetgeving. Een soort single parent toets. Zou dat kunnen, lieve beleidsmakers? Het ligt misschien aan mijn lichtelijk gestoorde vriendenkring maar de meeste mensen die ik ken, leven niet in een Disneyfilm met mama, papa, twee kindjes en de obligate labrador. Nee, we modderen allemaal maar wat aan. In het echte leven word je verliefd, en dan gaat dat soms ook over. En als daar kinderen komen bij kijken, dan moet je jezelf toch wel veel wegcijferen om het financieel allemaal te trekken en die kinderen te geven wat ze nodig hebben.
Seksisme in de kunstwereld.
naamloos.png
Feline Minne
Een paar jaar geleden ontmoette ik een belangrijke Zwitserse gallerist op een feest die zei dat hij enkel mannelijke kunstenaars vertegenwoordigt. Niemand zei iets, behalve de vrouw van een kunstenaar. Ze zei: ‘Vrouwen kunnen geen kunstenaar worden.’ Dan kreeg ze een schouderklopje van haar man die instemmend knikte. Momenteel loopt er een tentoonstelling met enkel vrouwelijke kunstenaars in Saatchi Gallery. De pers benadrukt dit en sommigen roepen boos: ‘Waarom is er geen enkele mannelijke kunstenaar in de tentoonstelling?' Tijdens de jaren 80 zei niemand iets als er een tentoonstelling was van enkel mannelijke kunstenaars. Niemand vroeg: ‘Waarom is er geen enkele vrouwelijke kunstenaar in de tentoonstelling?’ Ik ben naar de eerste all-women exhibition van Saatchi Gallery ‘Champagne life’ gaan kijken en iedere kunstenaar heeft een indrukwekkend oeuvre. Het werk van de Iraanse Soheila Sokhanvari zal me altijd bijblijven. Haar werk zit vol subtiele politieke commentaren en visuele metaforen. Na honderden jaren van men-only exhibitions moeten ze nu geen boe roepen als mannen voor een keer niet aan het woord zijn. Voor wie cijfers wil zien over de ongelijke behandeling tussen mannen en vrouwen in de kunstwereld verwijs ik naar Maura Reilly’s essay: ‘Taking the mesures of sexism: Facts, Figures and Fixes.’ Ik zie dat er verbetering aan de gang is, maar het is belangrijk dat iedereen alert blijft. Seksisme ondermijnend weglachen en doen alsof het niet bestaat is niet oké. Ik woon in Londen en ben een jonge kunstenaar aan de Royal College of Art.
(On)gelijkheid tussen man en vrouw
anoniem_0.jpg
Karin Van Hoffelen
Ik werd in 1960 in Antwerpen geboren en groeide op in een gewoon arbeidersgezin met twee oudere zussen. Vader werkte als geschoold arbeider, moeder was huisvrouw en ging hier en daar wat schoonmaken. We woonden in een sociale woonwijk en speelden veel buiten waar ik een verbale en fysieke weerbaarheid kweekte tegen pesters, de woorden van mijn ouders : "ge moet oe ni laten doeng zene" steeds indachtig. We hadden het niet breed maar kwamen ook niet echt iets tekort en we kregen de kans om voort te studeren, een kans die we geen van allen hebben gegrepen. Ik beëindigde vroegtijdig mijn school, vanwege schoolmoeheid en vond onmiddellijk werk; toen lukte dat nog als je 17 was zonder enige werkervaring. Van thuis uit kregen we wel de interesse voor politiek en een syndicaal engagement mee, dat laatste bleek broodnodig omdat er door de verschillende werkgevers toch wel geprofiteers werd van jonge en onervaren werknemers. Eenmaal begonnen als ambtenaar in de openbare dienst, groeide het syndicaal engagement en werd ik snel vakbondsafgevaardigde. In 1996 kreeg ik op eigen verzoek mijn overplaatsing naar een mobiel team bij de douane, tot dan toe uitsluitend bevolkt door mannen, meestal van een generatie waar de vrouw voor het huishouden zorgde. Nooit problemen gehad met de collega's die samen met mij één front vormden tegen de mensen die het in die tijd (nog niet zo lang geleden) moeilijk hadden met vrouwelijke controlerende ambtenaren. "Zouden die vrouwen ni beter thuisblijven ?" en "veur wadist juffrake ?", waren dagelijkse opmerkingen die gelukkig tegenwoordig eerder uitzondering dan regel zijn, dankzij de vervrouwelijking bij onze en andere politionele diensten. De rol van het hulpeloze vrouwtje was niet aan mij besteed en nooit heb ik het gevoel gehad dat ik me harder moest bewijzen dan mijn mannelijke collega's. Ik besef wel dat mijn opvoeding en mijn karakter ervoor zorgden dat ik me weerbaar kon opstellen indien nodig. Mijn ouders hebben altijd benadrukt dat ik ervoor moest zorgen dat ik zelf mijn boterham kon verdienen. Ik heb gelukkig ook nooit te maken gehad met seksuele intimidatie of erger, als er al eens een vrouwonvriendelijke opmerking viel, boorde ik die vakkundig de grond in. Als vakbondsafgevaardigde heb ik veel kritiek op de verantwoordelijke politici, maar één ding is zeker : bij de federale overheid is er geen loondiscriminatie en heeft iedereen dezelfde carrièrekansen. Of dat in de toekomst ook nog zo zal blijven, is nog maar de vraag. De loopbanen worden hertekend en steeds meer en meer wordt naar de privésector gekeken als het over bevorderingen gaat. Als vakbond vrezen we dan ook voor willekeur en goodwill bij promoties en overplaatsingen. Alleen al de uitdrukking "de juiste man op de juiste plaats" doet me het ergste vrezen. Het engagement en de strijdlust zijn er nog steeds, niet zozeer voor mezelf, maar voor alle anderen die minder fortuinlijk en weerbaar zijn. Heel wat mannen voelen zich nog steeds bedreigd door vrouwen die niet over zich laten lopen. Een man die bij zijn standpunt blijft, wordt geroemd om zijn vasthoudendheid, een vrouw die hetzelfde doet wordt vaak nog als kreng, tang of ander fraais betiteld. Er is nog veel werk aan de winkel.
Verschil tussen man en vrouw
anoniem_0.jpg
Muriel Coppin
Wij hebben een paardenstal waarbij het de bedoeling is om paarden voor onszelf en eigenaars op te leiden, te scholen en te verkopen. Kim (man voor alle duidelijkheid) en ik rijden er samen in. Nu is het zo dat als we een paard willen verkopen en ik (vrouwelijk) rij er mee op wedstrijd, dat paard zal dan eerder gezien worden als een kwalitatief paard… (ah ja , want een vrouw kan er mee rijden…). Als Kim het paard op wedstrijd rijdt, wordt datzelfde paard niet vanzelfsprekend met dezelfde kwaliteit beoordeeld… (ah ja, want Kim is een professioneel ruiter , dus de goede prestaties liggen wel aan de ruiter en niet bij het paard). Ergens klopt dat ook wel, Kim gaat op korte termijn veel meer uit een paard halen en kan meer druk op het paard zetten dan ik. En mijn paarden zullen fijner/lichter geschoold worden en dus makkelijker zijn voor een andere nieuwe ruiter. Dus een goede combinatie onder een man wordt vaak gezien als de verdienste van de man, een goede combinatie onder een vrouw is de verdienste van een goed paard. Soms klopt dit, maar soms klopt dit niet!
Vrouwen in de boerenstiel
anoniem_0.jpg
Anoniem
Bij het overwegen om dierenarts te studeren was een van de tegenargumenten dat vrouwen in dat vak op de boerenbuiten niet echt aux serieus genomen worden. In gespecialiseerde paardenklinieken wel, maar bij ‘echte boeren op de boerenbuiten’ (niet negatief bedoeld) , willen ze ‘ne man’… Dat was blijkbaar ook terecht… Ik ken een meisje (pas afgestudeerd) dat voor man X werkte (enkele jaren geleden) die van de mannelijke boer het erf mocht verlaten omdat zij kwam en niet man X… ‘Ik heb u niet gebeld… ik heb man X gebeld….’ Ze mocht niet eens naar het dier kijken… Nu begint dat wel veel te verbeteren, ook omdat er veel meer vrouwen zijn en zich bewezen hebben… Want uiteraard… als we willen zijn we in alles beter … (buiten in brute kracht…)
Vrouwen in het onderwijs
anoniem_0.jpg
Anoniem
Het onderwijs is toch een mooie job voor een vrouw hé, goed te combineren met een gezin. Dan denk ik wat?! Ik koos deze job omdat ik graag les geef en bovendien is die soms moeilijk te combineren met een gezin, want ik ben vaak in het weekend aan het werk of 's avonds. En mijn man bvb werkt minder dan mij en zorgt meer voor ons gezin. Daar reageren mensen ook verrast op.
Ongelijkheid op basis van gender
anoniem_0.jpg
Chis Drijbooms
in mijn 22 jarige carrière heb ik eigenlijk geen last gehad van ongelijkheid op basis van gender, toch niet bewust. Misschien is er wel een verschil in loon met mannelijke collega's maar aangezien hier niet over gepraat wordt, heb ik daar geen weet van.
Ongelijkheid op de werkvloer met andere afkomst
anoniem_0.jpg
Ingrid Stouffs
Er is heel wat ongelijkheid op de werkvloer bij personen met andere roots. Heel wat hooggeschoolde vrouwen komen terecht in laaggeschoolde jobs, zo werken heel wat universitair gediplomeerden in de poetsdienst . In bijlage een mooi initiatief die daar tegen in gaat en mogelijkheden creëert en aan de slag gaat met de vroeger verworven competenties , diplomas en talenten. Dit gebeurt nog veel te weinig.
Degradatie omwille van ...
anoniem_0.jpg
Anoniem
In 1987 solliciteerde ik als pas afgestudeerde universitair bij een grote bank voor de functie van kantoordirecteur. Ik slaagde voor het schriftelijke examen, en werd uitgenodigd voor een gesprek met de directie. Nooit vergeet ik hoe ik binnenkwam in een grote zaal van het hoofdkantoor, waar 8 mannen in een halve cirkel tegenover mij zaten. Zelf zat ik nog niet eens neer toen ik al volgende vraag kreeg: Directeur: Juffrouw X, bent u niet verbaasd dat hier allemaal mannen zitten? Ik: Neen, niet echt. Helaas is het allang bewezen dat de meeste topfuncties in de banksector ingevuld worden door mannen. Directeur: Dat is toch logisch, mannen gebruiken hun verstand, vrouwen daarentegen beslissen met hun hart. Ze zijn te emotioneel. Ik: Daar ben ik het niet mee eens. Of vindt u dat Margaret Thatcher (toen premier van het Verenigd Koninkrijk) regeert met haar hart? Gelach aan de overkant, en daarna verliep het gesprek prima. Ik eindigde als een van de eersten van de selectie, en ging aan de slag als adjunct-kantoordirecteur in een bankkantoor in Antwerpen. Op dat moment waren er slechts een 4-tal vrouwelijke (adjunct)kantoordirecteurs in de hele provincie Antwerpen. Zo ging ik een jaar later naar een provinciale vergadering van kantoordirecteurs, waar de provinciaal directeur zijn toespraak begon met “Mevrouw, mijne heren”. Pas toen besefte ik dat ik de enige vrouw was onder de tientallen aanwezigen…. Twee jaar later werd ook duidelijk hoe dat kwam. Ik was bevallen van mijn oudste zoon, en informeerde bij de personeelsdienst wat mijn mogelijkheden waren bij mijn terugkeer uit zwangerschapsverlof. Op mijn vraag of een tijdelijk werkregime van 80% mogelijk was, klonk het: “Dan moet u afstand doen van uw graad van kantoordirecteur, en naar een lagere functie gaan. Als kantoordirecteur moet u voltijds werken”. Omdat ik geen afstand wilde doen van de graad die ik verworven had, maar ook niet voltijds kon werken omwille van mijn gezinssituatie, heb ik dan loopbaanonderbreking genomen. Uiteraard was dat een breuk in mijn carrière, mijn trots verbood het mij echter om mezelf te degraderen.
Vrouwen aan de top
anoniem_0.jpg
Alona Lyubayeva, Vlaams emancipatie-ambtenaar
Vrouwen aan de top, het gaat slechter dan ooit Nu de departementen worden herschikt, worden vrouwelijke leidinggevenden vervangen door mannen, mannen niet door vrouwen. Beide geslachten hebben in absolute cijfers minder topfuncties, maar alleen de vrouwen zien ook hun percentages dalen. December 2015. Christine Claus, de topvrouw van het departement Cultuur, Jeugd, Sport en Media, bestuurder van het Vlaams Huis in New York, Europalia International, ex-bestuurder van Cultuurnet Vlaanderen, Argus, de Participatiemaatschappij Vlaanderen NV, doctor in de biologie, gaat met pensioen. Ze is een boegbeeld, een bewijs van de geslaagde emancipatie. De ene na de andere uitzonderlijke, talentvolle, succesvolle, emotionele, sterke en grappige vrouw spreekt haar appreciatie uit voor de gevierde. Een hoogfeest van de geslaagde vrouw, zo lijkt het wel, een lofzang op de gelijkheid van de geslachten. ware het niet dat we er steeds weer op gewezen worden. Keer op keer horen we dat ze 'haar mannetje stond', dat ze een 'uitzonderlijk sterke vrouw' is, dat ze zich als 'vrouwelijke vrouw voortreffelijk staande kon houden in de mannelijke wereld van politiek en administratie'. Als we zo gelijk zijn, waarom klinkt het slagen van een vrouw dan zo uitzonderlijk? Pascale Platel, die Christine als afsluiter mag interviewen, gooit het op tafel. 'Is het nu echt nodig om eind 2015 in Vlaanderen zo'n nadruk te leggen op gender? Is het actueel?' 'Meer dan ooit', zegt de afzwaaiende topvrouw, 'ik heb het nog nooit zo slecht gekend.' De topvrouw blikt terug: 'In onze tijd vochten wij voor de emancipatie van de vrouwen, voor gelijke kansen voor vrouwen. Wij steunden en duwden vrouwen om hun talenten waar te maken. Wij hadden hoop. Nu, zoveel jaar later, lijkt het alsof er geen probleem is. Maar er is wel degelijk een probleem: aan de top van de Vlaamse administratie is één leidinggevende op de vijf een vrouw, en er wordt gestreefd naar één op de drie. De natuurlijke verhouding is nochtans één op de twee.' Strijdlustigheid Ik geef toe. Ik ben een van die vrouwen die jarenlang hebben beweerd dat er geen probleem meer is. Ik ben zelf een carrièrevrouw van de vierde generatie, en ik merk toch steeds weer dat meisjes en vrouwen kansen krijgen. Er zijn meer hoogopgeleide vrouwen dan ooit voorheen. Ook een vrouw kan probleemloos - dacht ik twee jaar geleden nog - de top van de Vlaamse administratie bereiken als ze ernaar streeft. Nee, twee jaar geleden kon je mij niet betrappen op enige feministische strijdlustigheid. De strijd is al gestreden, vond ik. Niets te klagen, zo schijnt het, maar achter de felle schijn van het succes brokkelt het bouwwerk van de emancipatie weer af. Er stonden vrouwen aan de top van de Vlaamse administratie en sommige slagen erin om hun stek te behouden. Maar nu de departementen worden herschikt, komt het oude onevenwicht terug. Vrouwelijke leidinggevenden worden vervangen door mannen, mannen niet door vrouwen. Beide geslachten dalen in absolute cijfers, maar enkel de vrouwen zien ook hun percentages dalen. De afbraak strookt helemaal niet met de intenties van deze regering. Voor zover ik weet, hanteert de Vlaamse regering nog steeds de regel dat bij twee gelijkwaardige kandidaten in de laatste ronde de voorkeur wordt gegeven aan een ondervertegenwoordigde kansengroep. Kortom, de keuze zou vaak op 'een vrouw' moeten vallen. Meer nog, om het streefcijfer 'één vrouw op de drie leidinggevenden' te behalen, moeten ze bij de acht volgende aanstellingen een vrouw kiezen. Als je veertig procent wil halen, zoals de huidige Vlaamse regering wil, gaan we zelfs nog een tijd langer door. De regel vraagt het. En toch gebeurt het niet. Wat is hier aan de hand? Het ziet ernaar uit dat we al blij zullen mogen zijn als het aandeel vrouwen aan de top nog twintig procent zal bedragen op het einde van deze regeerperiode. De vraag om gendergelijkheid wordt te vlot van tafel geveegd. We kunnen enkele voorbeelden opnoemen van geslaagde vrouwen, en beschouwen het vraagstuk daarmee als afgesloten en afgehandeld. Ook de vrouwen aan de top zelf zien het misschien niet meer. Weten onze vrouwelijke ministers wat zich verder in de administratie afspeelt? Of denken ze, net als ik enkele jaren geleden, dat 'er geen problemen meer zijn'? Als dat zo is, dan is dát net onze valkuil: dat we het sluipende probleem niet meer zien, verblind door enkele successen. Dat we niet merken hoe ongelijkheid zich post na post weer naar binnen werkt. Dat we feminisme passé of irrelevant vinden. En dan is zo'n schop onder onze kont van een afscheidnemende topambtenaar een goede wake-upcall voor elke verantwoordelijke. We hebben regels gecreëerd, de kansen liggen voor het grijpen; we moeten ze alleen blijven omzetten in daden en de gelijke behandeling van mannen en vrouwen dag na dag bewust nastreven. Want, zoals Christine Claus het zei bij haar afscheid: 'Women's work is never done.' (dit stuk werd gepubliceerd in De Standaard op 14 december 2015)
Ongelijkheid in de universitaire wereld
anoniem_0.jpg
Annelien de Dijn
In mijn vakgebied – ik ben universitair onderzoeker – zit er duidelijk iets scheef met man-vrouw verhoudingen. Ik ben universitair docent, en in Nederland, waar ik werk, zijn meer dan 85 % van de hoogleraren (de hoogste graad van universitaire docenten) man. (In België is het nog net iets erger.) Een erfenis van het verleden, zo zou je kunnen zeggen. Het is namelijk nog niet zo heel lang geleden dat de meeste studenten man waren, en vooraleer je hoogleraar kan worden moet je natuurlijk eerst studeren. Maar dat blijkt niet zo te zijn: ook bij de jongere hoogleraren is het verschil precies even groot als bij de oudere. (zie voor een analyse van de data : http://stukroodvlees.nl/wetenschap/nieuwe-cijfers-wel-degelijk-een-glazen-plafond-op-alle-niveaus-van-de-nederlandse-wetenschap/). Nu heb ik mezelf nog nooit echt gediscrimineerd gevoeld, en ik heb in mijn carrière ook nooit echt seksistische opmerkingen te horen gekregen of zo. Maar discriminatie kan ook op andere en meer onschuldige manieren gebeuren. We weten bijvoorbeeld uit onderzoek dat mensen de (onbewuste) neiging hebben on mensen aan te werven die op henzelf lijken. Dus als omwille van historische redenen de overgrote meerderheid van de leden van benoemingscommissies mannen zijn, dan zullen zij andere mannen aanwerven en promoties geven. En zo zit je met een vicieuze cirkel waar de universitaire wereld op dit moment niet uit lijkt te geraken, of toch alleszins niet in de Lage Landen.
Meer mannen dan vrouwen ...
anoniem_0.jpg
Tanja de Coster
Ik werk voor een Amerikaans bedrijf. Ik heb in Brussel, Luxemburg, San Francisco, Bern, Berlijn en Amsterdam gewoond en gewerkt. De meest interessante anekdote is van ongeveer 10 jaar geleden in Luxembourg. Ik werd uitgenodigd op een nieuwjaarsreceptie waar X zijn jaarlijks praatje hield voor bedrijfsleiders. Ik was daar 1 van de 4 vrouwen op ongeveer 300 mannen. Het leek wel alsof ik in Saudi Arabië was terechtgekomen. Heel bevreemdend.
Transgender
anoniem_0.jpg
Hilke Ros
Ik heb met dit thema voorlopig geen negatieve ervaringen. Vrouwen zijn eerder liever tegen mij geworden (blijkbaar voelen ze soms een grotere verwantschap nu) en mannen doen eigenlijk zoals vroeger of worden een beetje onhandig van de situatie. Een behoorlijk interessante ervaring is bijvoorbeeld de begroeting onder collega's. Voor vrouwen is het eigenlijk makkelijk: die kussen doorgaans gewoon iedereen en worden door iedereen gekust. (Vlaamse) mannen zitten met de verwarrende code dat ze vrouwen een kus op de wang mogen geven, maar bij mannen onder elkaar is dat nogal snel 'gay' (of Waals). Sommige mannelijke collega's kussen dus zonder nadenken mijn vrouwelijke collega's, maar als ik aan de beurt ben is er vaak een lichte aarzeling of een vriendelijke handdruk. Ik vind persoonlijk dat gelijke rechten vooral een kwestie is van mannen emanciperen. Het zou al een stuk handiger zijn dat mannen ook iedereen mogen kussen (vrouwen, transvrouwen én mannen), zonder de sociale druk om als homo over te komen. Een tijdje geleden was er dit artikel: http://www.filmsforaction.org/articles/touch-isolation-how-homophobia-has-robbed-all-men-of-touch/ En ik vind eigenlijk ook dat de hele discussie over de positie van de vrouw in de islam eerder een zaak van mannen slimmer maken. Ik vind het een belediging van het mannelijk intellect dat vrouwen zichzelf moeten beschermen tegen de bronstige mannetjesdieren. Ik vind het tamelijk stuitend dat sommige culturen het nodig vinden om mannen dom te houden, niet veel meer dan seksbeesten die hun lusten niet kunnen bedwingen en hun willetje alleen maar kunnen doordrukken met fysieke overmacht. Een balans vinden tussen je seksuele drift en je morele besef, respect hebben voor iedereen om je heen (mannen, vrouwen of iedereen daartussen), het zijn voor mij essentiële onderdelen van een morele of spirituele identiteit. Daar gaat het om: een 'beter mens' worden. Of je kunt zeggen: dichter bij God of bij Allah komen. Slimmer worden, kortom. Emancipatie. Seksisme uitroeien is mannen slimmer maken. Dat is voor mij een betere kijk op het thema. Eerder dan de vrouw als eeuwig slachtoffer zien.
Ongelijkheid tussen man en vrouw
ap_hemmerechts_kristien_c_keke_keukelaar_3_terverzending_0.jpg
Kristien Hemmerechts
Goh, dat is een lastige vraag, omdat het vaak gaat om onderhuidse dingen, dingen die niet zo gemakkelijk aan te kaarten of aan te klagen zijn. Er bestaat binnen de academische wereld wel degelijk een glazen plafond, maar dat is niet tastbaar of zichtbaar. Je voelt het maar als je je hoofd er tegen stoot, of als je je ervoor moet bukken. Daar krijg je rugpijn van, van dat bukken. Ik heb altijd het gevoel gehad dat de macht bewaakt wordt in een mannelijk bastion; daar krijg je geen toegang toe. En uiteraard wordt dat loeihard ontkend. Toen ik jong was, werd ik op de werkvloer als vrouw ook gezien als een seksueel wezen, een wezen tegen wie je dubbelzinnige grapjes maakte, een ha ha ha, wat is het leuk dat hier zo’n jong en sexy ding rondloopt. Verbijsterend en vervelend, maar ook moeilijk bewijsbaar en aantoonbaar. On the whole vind ik dat mannelijke docenten en proffen meer prestige genieten en ook meer prestige opeisen. O ja, dit is er wel eentje: de studenten noemen mij zelden of nooit professor, maar altijd mevrouw. Ik vind dat prima, en vraag hun ook nooit of te jamais om mij professor te noemen, maar het valt wel op. Ik heb me ook nooit met het academische circus geïdentificeerd (de toga’s en zo), dus het ligt voor een stuk aan mij. Ik had kunnen proberen het op te eisen. Maar je ziet wel dat mannen vanzelfsprekender die rol en identiteit aantrekken, als een goedzittende jas. Kristien Hemmerechts
Aanpassen of meespelen?
ap_hemmerechts_kristien_c_keke_keukelaar_3_terverzending.jpg
Kristien Hemmerechts
Vorige week hoorde ik mij me hardop tegen de studenten afvragen in hoeverre ik mezelf al die jaren geweld had aangedaan om in een mannelijke omgeving te functioneren, een omgeving waarvan de spelregels lang geleden zijn vastgelegd door mannen, ook al zijn er intussen veel vrouwen in dienst. Is het niet ironisch, zei ik, dat ik, een vrouw, lesgeef aan een klas met alleen maar vrouwelijke studenten, en dat ik jullie een mannelijke traditie bijbreng, die jullie op jullie beurt zullen doorgeven aan jullie leerlingen of studenten? Wat ik me eigenlijk afvroeg was: heb ik die kanker te danken aan de noodzaak om altijd iets van mezelf te onderdrukken, om me te plooien naar een manier van denken en zijn en redeneren en argumenteren die zijn wortels heeft in een patriarchale traditie? Gedaan met die onzin, wilde ik zeggen. Voortaan ga ik denken zoals ik wil denken. Waarom pas ik me altijd aan, heb ik me altijd aangepast? Omdat je anders niet kunt meespelen, uiteraard. Het is net alsof ik altijd een deel van mezelf moet thuis laten, tussen haakjes moet plaatsen, om als docent te kunnen functioneren, stand te houden. De meest succesvolle vrouwen zijn zij die zich de mannelijke code met de grootste vanzelfsprekendheid eigen maken.
Huisman/vrouw
anoniem_0.jpg
Leen Verheyen
Wat mij regelmatig frappeert wat betreft de ongelijkheid tussen mannen en vrouwen is hoe verbaasd mensen soms zijn (soms zelfs op een heel negatieve of kleinerende manier) over het feit dat mijn man Augustin momenteel huisman is en dus (zoals iemand het eens uitdrukte) "op mijn kosten leeft". Het is blijkbaar nog steeds niet evident om als man niet de ambitie te hebben om een carrière uit te bouwen en thuis te willen blijven om voor je kind te zorgen...
Vrouwen in de politiek: maar wie is er uiteindelijk de baas ?
anoniem_0.jpg
Annemie Maes Brussels parlementslid
In België mogen we niet klagen wat doorstroming van vrouwen naar de parlementen betreft. Is iets dat ik regelmatig hoor. En dat klopt ook. Dank zij wetgeving waarbij er verplicht hetzelfde aantal vrouwen als mannen op de kieslijsten moet staan, dank zij voorbeeldfiguren in de politiek (vrouwelijke ministers, partijvoorzitters enz) en dank zij het stemgedrag van de kiezer die uiteindelijk toch graag ook vrouwelijke vertegenwoordigers in de parlementen wil hebben. In het Brussels parlement waar ik in zetel sinds 2009 is het aantal vrouwelijke volksvertegenwoordigers 40,45% t.o.v. 59,55% mannen sinds de verkiezingen 2014. Inderdaad al een mooi evenwicht. Nog niet volledig de weergave van de bevolking, maar toch een mooie score als je het vergelijkt met 10 à 15 jaar geleden. Maar als je iets meer inzoomt op de functies die de volksvertegenwoordigers bekleden in het parlement hebben we een totaal ander verhaal: functies als voorzitter, ondervoorzitter, commissievoorzitter en fractieleiders zijn nagenoeg allemaal in handen van mannen! Met andere woorden, waar er macht en extra financieel gewin is – er zijn inderdaad extra vergoedingen voor deze mandaten alsook extra medewerkers - is er behoorlijk nog wat haantjesgedrag. Het zijn ook zeer zichtbare functies want het zijn deze die in media worden opgevoerd of die het parlement vertegenwoordigen in binnen- en buitenland. De percentages liegen er niet om: · voor de functies van voorzitter en 4 ondervoorzitters is de verhouding 100% mannen t.o.v. 0% vrouwen! (u leest het goed NUL!) · voor de functie van commissievoorzitters is de verhouding 78% mannen tov 22% vrouwen · en ten slotte voor de functie van fractieleider is de verhouding 82% mannen tov 18% vrouwen. Op mijn initiatief heb ik dit genderonevenwicht zichtbaar gemaakt in het jaarverslag van het parlement. Tot voor kort stonden enkel de totaalpercentages van mannen t.o.v. vrouwen aangegeven. Voortaan kan je zwart op wit deze ongelijkheid aanschouwen voor de speciale “machts”functies.
Mama of papa?
anoniem_0.jpg
Marleen Strubbe
Het zit hem altijd in de kleine dingen: Ik ben consultant, samen met een mannelijke collega werkten we voor een klant die graag een project in het buitenland met ons wou doen. We waren beide enthousiast. Hij zij tegen mij collega: zal ik voor jou al boeken, Marleen gaat dat lukken voor jou met je kindjes. Het is niet omdat ik de vrouw ben dat de kinderen daarom per definitie mijn verantwoordelijkheid zijn, en dat ze niet zonder hun mama kunnen. Bovendien heeft mijn collega ook kinderen, ook daar wordt vanuit gegaan dat zijn kinderen per definitie zonder de papa kunnen. Voor ons beide vond ik dat niet ok.
Ongelijkheid op de werkvloer als ik mama word?!
anoniem_0.jpg
Anoniem
Ik ben een (bewust) alleenstaande mama, waar ik een heel verhaal over kan schrijven hoe ze bij mijn katholieke school omgingen met een donorkind van een alleenstaande mama, maar dat is voor jullie nu niet relevant;). Alhoewel de opmerkingen "mijn sperma had je gratis gekregen hoor", niet echt grappig waren. Maar, toen ik mijn ouderschapsverlof wou opnemen (enkel de wettelijk verplichte termijn), kreeg ik te horen dat ik dan geen lid van het team meer zou zijn, en dat de directie zich ernstige vragen stelden bij mijn werkmotivatie, als ik niet meer fulltime zou werken. Er is mij ook direct meegedeeld dat ik zeker geen 4/5de zou mogen werken, als gunst. In het onderwijs kan je dat onbezoldigd aanvragen, en de directie beslist dan of je dat wel of niet mag. Ik vind die reactie nog steeds erg ongepast, gezien ik mijn werk zowel zeer goed als zeer graag doe, of ik nu moeder ben of niet, en of ik nu 4/5de werk of niet. Uiteindelijk lieten ze me vaak op mijn vrije dag komen, planden er overleggen die ik inhoudelijk wel moest bijwonen, als ik mijn therapie goed wou geven. Benieuwd of de situatie 5 jaar later veranderd is, want ben opnieuw zwanger.
Ongelijkheid binnen de redactie
anoniem_0.jpg
Anoniem
Ik had het gevoel dat bepaalde 'zachtere' onderwerpen naar vrouwen gingen, terwijl over het algemeen ' economie en politiek' naar mannen gingen, maar achteraf bekeken denk ik dat dat ook aan de vrouw en man in kwestie lag. Ik geloof heel erg dat je terugkrijgt wat je - vaak onbewust - uitstraalt. Ik merkte ook dat ik soms wel naar de Wetstraat werd gestuurd ( er was toen een megaformatiecrisis) en dat er wel degelijk vertrouwen in mij was, maar dat ik er zelf onbewust niet in geloofde. Volgens mij had dat te maken met het feit dat ik toen 'het mannelijke' principe zeg maar 'het hier ben ik en ik ga het doen in de wereld', dat ik dat zelfvertrouwen niet had en me te afwachtend opstelde. Ik heb ook een tijd op een redactie gewerkt die voor het grootste deel bevolkt werd door mannen, en daar voelde ik me helemaal niet goed, het voelde erg macho. Vrouwen die meer dat mannelijke hebben ( en er goed uitzien) komen verder, al zijn ze volgens mij niet noodzakelijk gelukkiger omdat ze op een ander gebied zichzelf dan weer tekort doen. Het gaat om de balans tussen, zeg maar het ontvangende, zorgende, luisterende, meer gevoelige en het actieve, creatieve en expansieve. Er waren trouwens ook mannen die gecast werden op zachtere onderwerpen, maar over het algemeen had ik wel het gevoel dat er vanzelfsprekend meer vertrouwen was in mannen voor bepaalde onderwerpen dan in vrouwen, maar dat kwam waarschijnlijk ook omdat de meeste eindredacteurs toen mannen waren, en als je eerder mannelijke mannen hebt, dan klikken die meer met mannen. Ik geloof dat het voor mannen ook erg belangrijk is om die balans te vinden, tussen mannelijk en vrouwelijk, eigenlijk heeft het niet echt met man en vrouw te maken maar meer met twee principes die dan een naam moeten krijgen. Een mannelijke collega die destijds 'sterreporter' was en veel lives deed besloot op een gegeven moment om meer voor zijn gezin te kiezen en dus minder in beeld te komen, en dat werd niet echt goed begrepen door de leidinggevenden. Ook is er een bepaalde vrouwelijke collega die al verschillende keren is gepolst als hoofdredacteur maar dat niet wil om verschillende redenen, die ik kan begrijpen. Ik denk dus dat je ook veel zelf in de hand hebt, maar het is uiteraard zo dat het vrouwelijke principe in de wereld nog steeds onderdrukt wordt, maar dat wordt net zo goed in mannen onderdrukt, het gaat erom om de twee polen in evenwicht te brengen, bij vrouwen en mannen..
Who run the world? Girls!
anoniem_0.jpg
Anoniem
Ik ben begin dit jaar zelfstandig kantoorhouder geworden. Dat wil zeggen dat je commissies ontvangt van de bank voor elk verkocht product maar zelf voor je personeel en alle andere kosten moet zorgen. Ik heb dat gedaan omdat ik een heel gedreven iemand ben. Het kantoor dat ik heb overgenomen werd enkel be'man'd door mannen. Toen de mannen hun ontslag gaven, nam ik vrouwen aan. Gewoon omdat ik die dames heb gerekruteerd op hun ingesteldheid, uitermate positief! Ingesteldheid kan je nu eenmaal niet veranderen, kennis en kunde daar kan je aan werken. Ik ben de enige vrouwelijk zelfstandig agent voor de ganse zone ( Antwerpen, limburg, Vlaams-Brabant). Er is er nog eentje maar die is ooit als vennoot samen met een man gestart. Ik ben de enige vrouw die het in haar uppie doet. Er zijn nog wel vrouwen maar steeds vennoot samen met een man... De eerste man gaf zijn ontslag na vijf dagen.. De ander na drie maanden ( omdat hij van zijn vrouw niet langer voor mij mocht werken). Ook dat speelt soms, jaloerse vrouwen.. Wij vrouwen spannen blijkbaar niet altijd samen. Over de switch naar drie vrouwen hebben we al lachend veel opmerkingen over moeten slikken... Drie mannen, geen probleem maar dan opeens drie vrouwen, ho maar! We krijgen ook wel veel positieve reacties: veel vriendelijker, behulpzamer, betrokkener..
Alleenstaande mama binnen mijn eigen gezin?!
anoniem_0.jpg
Anoniem
Een onderzoek van sociologen Ignace Glorieux en Theun-Pieter Vantienoven naar gender en tijdsbesteding bij 6.400 Belgen (2009) toonde aan dat in gezinnen waar beide partners werken vrouwen gemiddeld 10,5 uur per week meer besteden aan kinderzorg en opvoeding. Ik ben 39 jaar, hooggeschoold, heb twee kinderen en een uitdagende job met heel wat verantwoordelijkheden in de cultuursector en helaas is bovenstaande conclusie zeer herkenbaar. Hoe kan het dat een slimme, grappige, moderne, succesvolle vrouw als ik (toch wel!), er grotendeels alleen voor staat in managen van het huishouden en de zorg voor de kinderen? Komt het doordat het evenwicht al van bij het prille begin “scheef” zit, want als borstvoedinggevende mama is het natuurlijk logisch dat jij altijd als eerste reageert en wordt dit mechanisme onbewust verder meegenomen en doorgetrokken naar later en alle zorgtaken? Komt het –in ons geval- doordat ik mijn tijd flexibel kan invullen en mijn man als freelance kunstenaar/zelfstandige niet anders kan dan meedraaien in de ratrace van het neoliberale systeem waar ook de kunsten in dol draaien? (Want mijn man is geen macho, geen egoïst; integendeel zelfs.) Is het omdat ik een controlefreak ben en sowieso niet graag de dingen uit handen geef? Is het mijn trots en wil ik sowieso de belangrijkste verzorgende zijn in het leven van mijn kinderen? Of een combinatie, een ingewikkeld kluwen van al deze dingen? Hoe is het zo ver kunnen komen dat ik vaak en voor langere periodes een alleenstaande moeder ben in mijn eigen gezin? Geen idee. Het gebeurde, zonder dat ik er erg in had.
Zwangerschap en een job
anoniem_0.jpg
Anoniem
Toen ik vijf jaar geleden ging solliciteren, had ik nog maar één kindje. De belangrijkste vraag van de werkgever was of ik van plan was om in de nabije toekomst nog kinderen te krijgen, omdat zwangerschapsverlof "hen echt niet goed zou uitkomen". Ik durfde daar niet eerlijk op te antwoorden, maar heb wel gepast voor de job en ben elders aan de slag gegaan. Ondertussen heb ik drie kinderen en kan ik nog steeds niet begrijpen dat men deze vraag durfde te stellen.
Mannen en seksisme
anoniem_0.jpg
Carmen De Vos
Ooit, in zulk een ver verleden dat ik me afvraag of ik die wel beleefd heb, verdiende ik mijn eerste geld in de horeca. Ik zal een jaar of zestien geweest zijn en speelde dienstmaagd in een toeristisch restaurant. Drukke dagen, veel adrenaline en piekuurrushes, I loved it. Het restaurant was op de eerste verdieping van een oud historisch pand. Op een goede avond na afloop van de zoveelste coup de feu, sloot de manager de toegangsdeur van het restaurant, wat op zich vreemd was, want onder ons op het gelijkvloers was nog een restaurant van dezelfde eigenaar en die had de voordeur al dicht gedaan. ‘Het leek hem rustiger zo’. Er hing denkbeeldig kwijl in zijn roste baard. Terwijl al mijn alarmbellen afgingen en ik anderzijds - toegegeven - bijzonder nieuwsgierig was, nam ik het soort arrogante houding aan die ik al mijn gehele leven ter zelfbescherming draag. De man kromp. Er is niks gebeurd. Toen niet en later ook niet meer. Ik ben heel gevoelig voor hautain of superieur paternalistisch gedrag, en misschien valt dit wel samen met seksisme. Mannen, vooral het oudere type in leidinggevende posities - op mijn vader gelijken is in deze geen pluspunt - hebben nogal de neiging om zich keizer in eigen koninkrijk te wanen, en veronderstellen dat vrouwen ofwel graag dienen ofwel graag gevoed worden met alles wat zij beter weten. Ik heb een uitgesproken allergie tegen deze beide manieren. Wie denkt die wel dat ie is? Alsof er op een knopje gedrukt wordt, verword ik instant tot een arrogant soort stekelbaars die zich opblaast tot een bolle zeeëgel. No way back, eens ik witheet ben, en dat gebeurt van zodra ik een sneer van onrechtvaardigheid gewaar word, sabel ik de spreker neer - en schiet daar niet zelden mee in mijn eigen voet. Gedaan gesprek. Gedaan contact. Een zelfverdedigingsmechanisme dat voortspruit uit een hevige onafhankelijkheidsdrang en een al te autoritaire jeugd. Ik haat paternalisme en het soort valse autoriteit dat gefundeerd is op macht, in plaats van op wijsheid.
Mama of/en carriere
anoniem_0.jpg
Marijke De Meerleer
Als vrouw/holebivrouw mag ik niet zeggen dat ik mij ooit al gediscrimineerd gevoeld heb in mijn job. Er zijn natuurlijk altijd bepaalde factoren waar ik minder zicht op heb, moet ik op een hoger niveau presteren om bepaalde promoties binnen te halen? Ik weet natuurlijk enkel wat ik momenteel doe om dit te verwezenlijken, maar heb er geen idee van of ik net hetzelfde zou moeten doen als ik een ander geslacht had? Wat ik wel ervaar is de maatschappelijke druk om als vrouw mijn rol als moeder te “moeten” opnemen. Ik voel me vaak een slechte moeder omdat ik voor een carrière ga en niet op woensdag namiddag thuis blijft om voor onze kinderen te zorgen. Zelf ben ik enorm gedreven en is een carrière uitbouwen een prioriteit, maar waarom laat ik mij dan soms tegenhouden door andere gevoelens? Ik heb dikwijls het gevoel een slechte moeder te zijn omdat mijn kinderen in de naschoolse opvang verblijven of als mijn kinderen “te weinig” naschoolse activiteiten doen omdat het praktisch soms niet haalbaar is om die te combineren met mijn professionele taken. Hebben mannen die zelfde gevoelens of is dat eerder een typisch gevoel voor vrouwen? Kortom waarom legt de maatschappij in hoofdzaak de vrouwen op om zoveel mogelijk voor de kinderen te zorgen en vooral, waarom laten wij als vrouwen deze druk toe? Hoe doorbreek ik dit patroon?
Artikel
anoniem_0.jpg
Anoniem
Een link naar een interessante site over het thema: http://weekend.knack.be/lifestyle/radar/onderzoek-vrouwen-spreken-drastisch-minder-in-mannelijk-gezelschap/article-normal-650417.html?utm_campaign=Echobox&utm_medium=social&utm_source=Facebook
Ongelijkheid in de universitaire wereld
eva_brems.jpg
Prof. Dr. Eva Brems
Ik ben hoogleraar aan de rechtsfaculteit van de Universiteit Gent. De academische wereld is een sector met een hardnekkig glazen plafond. We zitten nog altijd aan minder dan 25 % vrouwelijke professoren. In onze faculteit was er lange tijd geen enkele vrouwelijke hoogleraar. Toch hadden professoren pas individueel stemrecht vanaf de rang van hoogleraar. De andere professoren (docenten en hoofddocenten) mochten wel enkele vertegenwoordigers afvaardigen. Deze regel zorgde er in de praktijk dus voor dat vrouwelijke professoren geen stemrecht hadden. Maar niemand vond dat een probleem, want 'de faculteit had al ooit een vrouwelijke decaan gehad, dus er kon onmogelijk worden gesteld dat vrouwen er minder kansen zouden krijgen'. De vrouw in kwestie was ondertussen al lang met pensioen, maar blijkbaar had zij het blazoen van de faculteit tot in de eeuwigheid gezuiverd. Toen ik zwanger was, kon ik wel bevallingsverlof nemen, maar er was geen mogelijkheid voorzien om me te vervangen voor de colleges. Dit was nog voor de invoering van het semestersysteem. Ik moest toen 'gewoon' dubbel zoveel lesgeven in het tweede semester. Echt seksisme heb ik aan de universiteit niet meegemaakt, maar er zijn natuurlijk wel subtiele signalen die aangeven dat je een soort indringer bent. Zoals de 'dasspeldmicrofoons', of de adressenbestanden van sommige organisaties die op hun adres-etiketten autonomatisch 'dhr. prof.' afdrukken. Maar nog meer stoor ik me aan de subtiele signalen dat je als vrouw met een carrière wel een slechte moeder zal zijn. Zoals de terugkerende vraag van collega's als ze horen dat je naar een buitenlands congres vertrekt 'en wie zorgt er dan voor je kinderen' (terwijl ze weten dat ik getrouwd ben met de vader van mijn kinderen). Of de juf van de lagere school die bij een probleempje met het kind meteen automatisch de link legt naar 'je was in die periode weinig thuis, geloof ik?'. Je kan niet de beste moeder én de beste professional zijn. Ik heb geleerd om mijn ambitie (want die heb ik) te verschuiven naar het optimale evenwicht tussen de twee. Alle ballen in de lucht houden zonder ongevallen, dat is de uitdaging. Door toedoen van de Vlaamse overheid zijn aan de UGent genderquota ingevoerd voor commissies en adviesraden. Maar niet voor de aanwerving. Dat betekent een extra grote vergaderlast voor de minderheid aan vrouwelijke professoren. Er was heel veel verzet tegen de quota, maar ze hebben een groot effect gehad. Gender is nu een mainstream onderwerp geworden dat vaak als een ernstige bezorgdheid op tafel ligt. De samenstelling van verschillende organen is veranderd om de quota te kunnen halen (bv. de faculteitsraad is niet meer enkel voor hoogleraren), wat niet alleen vrouwen maar ook veel mannen ten goede komt. En de cultuur waarin hetzelfde kleine (mannelijke) groepje alles besliste, is doorbroken, ten voordele van vrouwen, en ook van de mannen die niet tot die kleine inner circle behoorden.
Rollenspel
anoniem_0.jpg
Sinta Wibowo
Een jaar geleden, coördineerde ik een verhuis van een filmstudio. De technische ploeg was erg druk in die periode om me bij te staan, dus begon ik zelf maar ladders op en af te klimmen, lampen te demonteren, kabels te versleuren, enzovoorts. Toen ik bij een collega in de montagecel kwam, vond hij het erg stoer van me om een moersleutel in mijn achterzak te steken. “Dat deed je met opzet,” zei hij. “Wat precies?” vroeg ik niet beseffend waarop hij doelde. “Euh, dit?” en ik nam de moersleutel uit mijn achterzak. “Heb je al eens geprobeerd om met een moersleutel in je hand of in je zijzak, een ladder op te klimmen? Ofwel valt de sleutel ofwel donder jezelf van die ladder!” We bespraken elkaars macho-gehalte, waarbij ik vond dat het bij mij meer op het “praktische” ging en niet zozeer om het imago dat rond een geste hangt. “Maar je hebt ook een sportieve Honda en geen Vespa,” argumenteerde hij. “Ah, dat is omdat die tweedehandse motorfiets de helft goedkoper was dan een Vespa. Ik was eens met een vriendin achterop de moto meegereden en wilde daarna ook zo een ding, omdat ze me vertelde wat een grote vrijheid het haar gaf en dat het handiger manoeuvreert in Brussel dan scooters. Verkocht! zei ik, maar dan wel in een minder opvallende kleur dan rood! In dat gesprek, begonnen we ook te beseffen dat mijn mannelijke collega onder sociale druk stond omdat hij geen oermacho is, waardoor hij ook de collega is met wie ik mijn gedachten en gevoelens het meest kan delen. Tja, mijn moto naast zijn scooter maakt hem nog minder macho. Nadien, vroeg ik me af of ik een tomboy was, omdat ik in mijn tienerjaren ook voetbal op competitieniveau heb gespeeld. Maar dan zijn vele vrouwen uit Noorwegen die van kleinsaf gemengd voetbalden op school, een nachtmerrie voor elke mannelijke amateurspeler, zo goed spelen ze. Ik vroeg aan een aantal vriendinnen of ze ook een moto zouden willen of voetbal zouden spelen of iets technisch doen, als ze niet pertinent de opmerking zouden krijgen dat het niet vrouwelijk is of zelfs als lesbische aanschouwd kunnen worden (stel je voor!). Jazeker, ze hebben het moeilijk als ze niet geloofwaardig als vrouw kunnen overkomen en de vrouwelijkheid niet belichamen met gedrag dat door de maatschappij als anders wordt bekeken: mannelijk, stoer, sterk... in tegenstelling tot elegant, verfijnd, vrouwelijk, tenger, zacht... hetzelfde geldt voor mannen, die vaak voelen dat ze in hun rol niet voldoende scoren. Waarom? Ik vermoed dat een van de regulerende krachten is dat het spelen van het rollenspel makkelijker leidt tot het vinden van een partner, wat een andere bestseller is waarin velen geloven en hen aanzet om een wederhelft te vinden, voor de zingeving/verlenging van het leven. Een punk-vriendin met een geschoren én getatoeëerd hoofd, liet haar snor staan. Ik vond dat zo indrukwekkend en inspirerend, omdat ik toen pas besefte hoe erg ik me zelf inschikte naar de normen van vrouwelijkheid en hoe sterk je moet zijn om over straat te lopen met een snor. Wie beïnvloedt wiens gedrag eigenlijk? Iedereen en constant! Ieder van ons heeft een lichaam dat an sich politiek is en subversief kan zijn, omdat het de omgeving beïnvloedt door gewoon maar te bestaan.
Alleenstaande mama
anoniem_0.jpg
Anoniem
Toen ik 29 was en zwanger, liep mijn relatie stuk. Ik heb dan besloten het kindje te houden. Beslissing is niet het juiste woord: rationeel gezien wist ik wel dat ik voor de moeilijkste weg koos maar de stem van mijn hart en mijn buik smoorde elk argument. Van de vader was na de breuk geen spoor te bekennen en dat is ook zo gebleven. Op aanraden van een advocate vroeg ik geen alimentatie. Want met plichten komen ook rechten (bijvoorbeeld bezoekrecht) en haar ervaring leerde haar dat dit in de meeste gevallen voor heel veel problemen zorgde. Ondertussen zijn we twaalf jaar verder. En ja, eigen kind, schoon kind, maar het mag gezegd: ik heb een schat van een dochter. Ik heb met haar een heel bijzondere band doordat we het gewoon met ons tweetjes doen. Of eigenlijk moet ik zeggen: met drie. Want ik kan gelukkig op mijn mama rekenen die er al twaalf jaar voor ons staat. Als een meeting uitloopt, als ze ziek is, als ik naar het buitenland moet voor het werk. Als dat niet zo was geweest, dan was ik waarschijnlijk ook een vogel voor de kansarmoedestatistieken die telkens opnieuw aantonen dat alleenstaande moeders het heel moeilijk hebben om het hoofd boven water te houden. Zonder mijn mama was ook ik gedoemd om een job te kiezen met regelmatige uren en met veel begrip voor mijn situatie. Lees: minder betaald. Ik kan niet elke dag om 18u aan de schoolpoort staan (leve de files, trouwens, maar da’s een ander debat), ik kan mijn baas niet zeggen dat ik de komende twee dagen niet kan komen werken omdat mijn dochter griep heeft. Als ik dan al ’s uitzonderlijk zelf mijn dochter kan oppikken aan school, dan staan daar wel heel veel mama’s. En ja, dat pikt. Maar bon, ik ben ‘adulte et vaccinée’ en ik moet dus meer werken dan anderen. ’s Avonds weggaan (restaurant, theater,…) zit er ook niet in: ik moet al voor zoveel praktische dingen een beroep doen op mijn mama dat ik haar niet nog ’s wil inschakelen voor mijn plezier. Plus, ik moet al zoveel missen van mijn dochter dat ik er voor haar wil zijn wanneer dat kan. Maar ik mis mezelf wel soms. Ik heb geen wonderoplossing voor de steeds groter wordende groep alleenstaande ouders (ja, ook vaders). Misschien moeten we onze krachten bundelen en een single parent lobby worden. Een Gezinsbond maar versie 2.0. Ah maar wacht, we kunnen niet vergaderen want dan zitten we weer met dat oppasprobleem. Het zou al helpen als er iets, net iets, meer rekening gehouden wordt met ons. Op de werkvloer maar ook in wetgeving. Een soort single parent toets. Zou dat kunnen, lieve beleidsmakers? Het ligt misschien aan mijn lichtelijk gestoorde vriendenkring maar de meeste mensen die ik ken, leven niet in een Disneyfilm met mama, papa, twee kindjes en de obligate labrador. Nee, we modderen allemaal maar wat aan. In het echte leven word je verliefd, en dan gaat dat soms ook over. En als daar kinderen komen bij kijken, dan moet je jezelf toch wel veel wegcijferen om het financieel allemaal te trekken en die kinderen te geven wat ze nodig hebben.
Seksisme
anoniem_0.jpg
Anoniem
Ik kreeg de vraag of ik iets zou willen schrijven over seksisme. Hoe we als vrouw nog altijd benadeeld worden. Maar wat als we het probleem ’s omdraaien? Hoe kunnen we als vrouw onze slag thuis halen net omdat we vrouw zijn? Neem een doordeweekse meeting: mannen kloppen zich op de borst, maken veel lawaai. Wij, als goed opgevoede meisjes, hebben de gewoonte te wachten tot iedereen zijn zeg heeft gedaan om dan ons standpunt uiteen te zetten (waarschijnlijk ook veel te genuanceerd). Tegen dat die testosteronstorm gaan liggen is, is de meeting voorbij en heb je dus geen woord kunnen zeggen. Klinkt dat overdreven? Ik heb écht een keer in een meeting gezegd: “Als dat hier nog lang zo doorgaat, dan krijg ik borsthaar”. Hoe kunnen we het dan wel doen? Probeer vooraf de opinion makers, inclusief borsthaar, bij de koffiemachine te overtuigen van je standpunt. One-on-one zijn wij meestal beter. Of nog: ik heb een baas die altijd maar over geld blijft doorgaan. Op zijn grafzerk komt waarschijnlijk te staan ‘Wat kost dat?’. Tegelijk is hij ook zo’n onverbeterlijke macho dat hij gewoon niet doorheeft dat ik door mijn hoofd schuin te houden en me zogezegd onderdanig op te stellen, gewoon mijn slag thuishaal en naar mijn bureau terug wandel met het budget dat ik eigenlijk sowieso nodig had. Ja, dat is manipulatief, ik weet het, en geen langetermijnoplossing. Tegelijk zie ik nog veel te veel vrouwen die carrière maken, en daarbij gewoon typisch mannelijk gedrag gaan imiteren. Een beetje zoals Thatcher die lager leerde spreken naarmate ze hoger op de politieke ladder klom. Ik weet niet of ik als man meer zou verdienen voor de job die ik nu doe. Tegelijk weiger ik pertinent om te conformeren aan ‘de norm’. Als ik een sollicitante zie die me enigszins schoorvoetend zegt dat ze sommige dagen vroeger naar huis moet om de kinderen op te pikken van school, dan vind ik dat oké. Misschien moeten we allemaal een beetje beter voor elkaar durven zorgen: een beetje meer begrip tonen voor wat het is om te werken en tegelijk ook kinderen groot te brengen. Ja, als vrouw moeten we meer rollen opnemen dan de haantjes en golden boys die zichzelf voorbij bluffen. Maar als we allemaal een beetje meer solidair met elkaar zijn en onze eigen plek, op onze eigen manier, blijven opeisen, dan komt het wel goed. En als niets anders werkt, vraag die corporate ettertjes dan ’s of ze het oké zouden vinden als er zo met hun dochters zou omgegaan worden. Meestal draaien ze dan wel bij.
If you can't join them, beat them!
anoniem_0.jpg
Anoniem
Wat me het meest opvalt als vrouw met een job in een mannenwereld waarin het ego een grote rol speelt, is dat mannen heel veel bezig zijn met hun mannen-onder-elkaar-ding. Daarmee bedoel ik dat ze de beste postjes en kansen altijd eerst aan elkaar geven en dat je als vrouw vooral de leftovers op je bord krijgt. Het is een cliché maar ik heb me echt 100 keer harder moeten bewijzen om er te komen. Kansen werden botweg gefnuikt want mijn mannelijke collega’s zorgden er altijd eerst voor dat ze zelf aan bod kwamen. Gelukkig werkte dat op mij als de spreekwoordelijke rode lap op de stier; hoe meer tegenwerking, hoe harder ik er voor ging. Ik ben er gekomen door mezelf voor te nemen dat ik het beter zou doen én zou kunnen dan de mannen. Door heel hard te werken en veel verder te gaan dan mijn mannelijke collega’s. Verder op vlak van uitdagingen (ja, dat ‘vieze’ woord) die ik tot een goed einde te bracht, door zaken aan te pakken waar de mannen op mijn werk niet aan durfden te beginnen. Respect moet je afdwingen, dat geldt overal maar vooral op een werkvloer waarbij je – vaak- de enige vrouw bent. Het was veel makkelijker en aangenamer geweest als ik er gewoon bij had gehoord en ze aanvaard hadden dat ik even goede kwaliteiten had als zij. Ik weet ook dat mijn ex-collega’s het zich niet eens bewust waren, maar als vrouw werd ik hoe dan ook buitengesloten. Ik ben doorgegaan met mijn eigen weg te kiezen en ik heb het respect afgedwongen, op een positieve manier. Het spreekwoord if you can’t beat them, join them, heb ik altijd omgedraaid: if you can’t join them, beat them.
Genderongelijkheid
anoniem_0.jpg
Kathleen De Ridder
Genderongelijkheid is volgens mij erg subtiel (geworden). Het zit ‘m naar mijn aanvoelen in old-boys-network sfeertjes. Het soort grapjes dat gemaakt worden. Mannengroepjes waar je als vrouw gaat bijstaan en iedereen voelt zich plots wat ongemakkelijk … Dat soort zaken. Het is zelden intentioneel en het is waarschijnlijk ook een erg persoonlijke beleving.
Traditioneel?
anoniem_0.jpg
Sinta Wibowo
Ja, genderneutraliteit of een maatschappij waar je niet m/v moet aantikken waardoor je kan gediscrimineerd worden, moeten we meer zichtbaarheid geven en stilletjesaan beginnen inbeelden. Je gaat sterke reacties van ongeloof en verzet krijgen, van ja maar dat werkt niet of dat is niet zo, mannen zijn mannen (boys will be boys), vrouwen zijn vrouwen, maar we zijn opgegroeid in een samenleving waarbij gender (vroeger hand in hand met het traditioneel huwelijk: één man domineert één vrouw, en zo worden alle mensen netjes in het gareel gehouden) de hoeksteen is voor de organisatie van en de taakverdeling in die maatschappij. Dus moeten we het stilletjes aan, beetje bij beetje verschuiven in die mentaliteit en vooral ook in de praktijk... oefenen-oefenen-oefenen, die genderneutraliteit, het zit zo diep, tot in de taal, dat het een boeiende en pijnlijke opdracht wordt! Ik ben benieuwd naar het effect van gender-neutral schools in Zweden: http://www.bbc.com/news/world-europe-14038419
Taakverdeling
anoniem_0.jpg
Anoniem
In mijn overheidsdienst bestaat de directie enkel uit mannen. Taken die aan werknemers bovenop hun job toegewezen worden en waar absoluut geen eer uit te halen valt zoals coördinator voor armoedebestrijding, duurzaamheid, gendermainstreaming en gelijke kansen, komen allemaal bij vrouwen terecht.
Respect?
anoniem_0.jpg
Anoniem
Jaarlijks vraag ik aan mijn collega's een update van de database met mensen die uitgenodigd dienen te worden voor een evenement. Vrouwelijke collega's en de vrouwelijke management-assistants van het directiecomité doen zoals hen gevraagd is en updaten de database. Enkel een mannelijke collega stuurt mij een lijstje in Excel. Als ik vraag om dat in de database aan te vullen, antwoordt hij dat dat veel te veel tijd vergt. Als ik antwoord dat mij dat evenveel tijd vraagt, krijg ik een woedende mail dat ik geen respect voor zijn werk betoon. Ik reageer niet en escaleer naar mijn chef, die na overleg met mijn collega en zijn baas laat weten dat administratie terugsturen niet goed staat. Dat ik dat beter niet kan doen. Dat de vrouw aan de receptie mij kan helpen als het nodig is. Ik stond paf.
Ongelijkheid in loon
anoniem_0.jpg
Vanessa Van Eyghen
Hallo, mijn naam is Vanessa Van Eyghen en ik speel Japanse drum op 5 maart met de taiki-doki's van Feniks Taiko. Wat mij het meeste stoort is ten eerste de ongelijkheid van loon voor dezelfde job! Verder had ik liever wat meer mannelijk collega-drummers en -verpleegkundigen gehad. Verpleging spreekt mss gewoon meer vrouwen aan, maar bij het taiko-spelen begin ik me echt af te vragen of het zo is omdat onze Sensei een vrouw is (en wat voor één !!!). Mss schrikt een sterke vrouw mannen af? Of kunnen ze moeilijker om met een vrouwelijke lesgeefster? Verder kijk ik er erg naar uit om voor jullie te spelen! TOT DAN!
Ongelijkheid in de muziekwereld
anoniem_0.jpg
Anoniem
Ooit in een vorig leven was ik manager van een all woman band, A Miss-ing Link. De daarbij horende vzw The Miss-ing Link wilde een link zijn tussen vrouwen en de muziekwereld. En dat bleek nodig. Vrouwen die eerst en vooral knappe muziek maken zonder daarom fotomodellen te zijn, dat konden velen blijkbaar niet rijmen. Ooit woonde ik een concert bij van de leerlingen van onze professionele saxofoniste. Zij speelde zelf ook een stuk solo, waarbij ik één van de (mannelijke) ouders de volgende opmerking hoorde maken: ‘Zij speelt goed, he … voor een vrouw’. Een andere keer werd de groep gevraagd voor een optreden op het autosalon. Eerste vraag: ‘Zien ze er goed uit?’ en niet ‘Zijn ze goed?’ Tijdens een optreden van de groep vroegen de mensen zich zelfs eens af of die vrouwen wel zelf speelden. Zo goed was het! Onze eveneens professionele drumster en bassiste deden vaak studiowerk en vertelden mij dat zij 3x zo goed moesten spelen als hun mannelijke collega’s en dat ze zeker geen fouten mochten maken want anders was de commentaar – U raadt het al- ’t Is weer … een vrouw. Het grofste stond ooit in Dwarslezer van Humo. Er was net een programma geweest over transgenders, gehost door Goedele Liekens en daarin had een man zelfs zijn penis willen afsnijden omdat hij die zo haatte. Commentaar van de journalist: ‘Als dat zo gemakkelijk was, dan hadden die van Miss-ing Link dat al lang gedaan’. Om maar te zeggen … En zo kan ik spijtig genoeg nog vele verhalen vertellen.
Ongelijkheid op de werkvloer
anoniem_0.jpg
Anoniem
Ben je als vrouw al tegengewerkt geweest op de werkvloer? Toen ik de vraag eerst voorgeschoteld kreeg, had ik als onmiddellijke reactie “bwa, neen, eigenlijk niet”. Ik werk op zich in één van de meest vrouwvriendelijke sectoren (de overheid) en heb een leidinggevende functie (directe leidinggevende). Dus tegenwerkingen in mijn carière of ambitie: neen, dat kan ik niet zeggen. Maar als ik er dan net even langer over nadenk, zijn er toch wel hier en daar momenten geweest dat ik dacht: dit zou een man niet tegenkomen... Ik kom vanuit een team met een mannelijk diensthoofd die de pensioengerechtigde leeftijd begon te naderen. Ik werd op zich zeker gewaardeerd door mijn chef, en ik heb ook veel van hem geleerd. Maar toen het pensioen naderde, was het toch duidelijk dat de gedoodverfde “opvolger” de enige mannelijke expert in het team was. Die zich ook niet op ancienniteit kon beroepen om dat statuut van opvolger waar te maken, want er was een vrouwelijke experte die al langer in het team werkte. Die ook zelf niet per se de ambitie had om leidinggevende te worden, maar die wel zowat in die positie gedwongen werd. Die ook niet echt de capaciteiten had om een goede leidinggevende te zijn (want een goede expert maakt niet noodzakelijk een goede leider). Maar toch werd hij als vanzelfsprekend aanzien als de persoon die zich kandidaat zou stellen voor de functie. Het enige onderscheid was, dat het een man was... Toen ik mijzelf dan kandidaat stelde, werd dit niet direct met veel enthousiasme onthaald, en er gingen initieel wel wat wenkbrauwen de hoogte in... Tegengewerkt werd ik dus niet, maar “vooruitgewerkt” nu ook niet direct. Uiteindelijk heb ik dan succesvol alle stappen doorlopen en ben ik dus toch leidinggevende geworden, tot mijn eigen plezier en dat van het team (inclusief de mannelijke collega die nu heel blij is dat hij dat werk niet moet doen J). Maar ook als leidinggevende van een klein team, merk ik dat ik bij vergaderingen, zowel binnen de hiërarchie als met de verschillende stakeholders, vaak een vergaderzaal binnenstap vol mannen... Die dan soms toch wel kijken alsof ze eerder zouden verwachten dat ik gewoon de koffie kom brengen... Soms wordt er zelfs letterlijk gevraagd: “Hoe kom jij aan die functie, zo jong (37? Jong? Da’s relatief natuurlijk J) en ... euh... enzo?”. Waarbij ik dan denk dat de “...enzo” maar kan ingevuld worden door “vrouwelijk”, want dat is opnieuw het enige andere verschil met de andere mensen aan tafel. Het blijft toch wel een feit dat vrouwen weliswaar stilaan meer leidinggevende functies innemen, maar toch vooral beperkt tot het 1e niveau van directe chef. De hogere functies, de raden van bestuur, de machtsposities worden toch nog al te vaak ingevuld door mannen.... Ook in mijn vroegere jobs, ook allemaal in de meer softe non-profit sector, had ik vooral veel vrouwelijke collega’s, en vooral veel mannelijke bazen. Is dat per se verkeerd? Neen, maar van een echt evenwicht kan je toch ook niet spreken... Dus echt tegengewerkt: neen, dat kan ik persoonlijk niet zeggen. Maar af en toe denk ik toch wel: dit zou een man echt wel niet tegenkomen...
Seksisme
anoniem_0.jpg
Anoniem
Toen ik de vraag kreeg iets te schrijven over de ongelijkheid tussen mannen en vrouwen moest ik toch even nadenken. Eén van de voordelen van ouder worden, ik ben nu 57 jaar, is dat ongewenste intimiteiten vanzelf stoppen (is dat OK?). Al dan niet toevallige, gewenste en ongewenste, aanrakingen in zwembaden en treinen gebeuren nog amper. Ik merk bij mezelf met de jaren ook een soort gewenning aan seksistische uitlatingen door collega’s, op vergaderingen, in de media. Ik heb mezelf aangeleerd niet meer te reageren, meer zelfs, de uitlatingen te negeren. Reageren helpt immers doorgaans niet, zeker niet onder collega’s. Integendeel, je krijgt dan de naam een gevoelige feministe te zijn en niet om een grapje te kunnen lachen. Dat etiket krijg je dan nog vaak van een man die zichzelf feminist noemt. Op de Landencocktail 2016 in januari in Mechelen volgde ik een infosessie over een reis naar Iran. De lezing begon met het overlopen van een aantal vooroordelen. Eén daarvan is volgens de reisbegeleider het vrouwonvriendelijk imago dat Iran heeft of zou hebben. Vrouwen moeten weliswaar nog volledig bedekt worden in de openbare ruimte maar er is, volgens de spreker, wel degelijk respect voor vrouwen. Meer zelfs: eigenlijk zijn zij de baas ‘net zoals bij ons, haha’, dus die zedenpolitie die ons op straat kan oppakken omdat we niet volgens hun normen zijn gekleed moeten we er maar even bij nemen, als uiting van respect dan nog wel. Toen de spreker op het einde van de lezing nog eens de troeven van de reis belichtte benadrukte hij dat een open geest noodzakelijk is: ‘feministes blijven dus beter thuis’. Waarmee hij feministen in één klap tot de categorie mensen indeelde die een enge, gesloten visie op de samenleving heeft. Dit was voor mij helemaal niet meer OK. Meneer de reisbegeleider, iemand kan zowel feministe zijn als open zijn én zelfs respect hebben voor de plaatselijke culturele en religieuze gebruiken zoals het dragen van een hoofddoek in de openbare ruimte. Deze reis ga ik alvast niet onder jouw begeleiding maken. #tisnietoké Joker!
GELIJKheid op de werkvloer :-)
anoniem_0.jpg
Annemie Vandenhende
Ik werk zo'n 10 jaar bij Groep INTRO, een vzw die zich inzet voor maatschappelijk kwetsbare groepen via allerlei projecten. De sociale sector dus. In die sector lijkt het vanzelfsprekend om niet-discriminerend te zijn, om de gewenste gelijkheid in de praktijk te brengen: ik stel vast dat, als ik naar veel organisaties kijk, dat niet altijd het geval is. Niet vanuit een onwil, of uit principe, maar wel uit noodzaak: veel gelijkaardige organisaties hebben te kampen met tijdelijke subsidies, onzekere fondsen,... én zetten zich in voor kwetsbare mensen, waarbij gestreefd wordt naar maximale continuïteit: niet evident immers om bijvoorbeeld het vertrouwen van een persoon in armoede voor zich te winnen, om na enkele maanden dan de begeleiding door iemand anders te laten gebeuren. Dus: niet evident om vrouwen, jong en met een biologische klok, de kans te geven dit soort werk te doen... Toch slaagt Groep INTRO er wonderwel in om de balans te vinden tussen de organisatie (het streven naar kwaliteit & financieel overleven), de mensen voor wie het zich inzet, en het personeel. Er werken veel vrouwen bij Groep INTRO, zwangerschappen worden warm verwelkomd, borstvoedings- of ouderschapsverlof toegejuicht: men beseft hoe uniek en belangrijk die eerste maanden zijn voor een nieuw wezentje, er wordt dan ook altijd naar een oplossing gezocht waarbij iedereen maximaal tevreden is. Als nieuwe leidinggevenden nodig zijn, staan man en vrouw absoluut op dezelfde voet: het is niet altijd evident om in zo'n functie niet voltijds te werken, maar het is bespreekbaar, zoals ook thuiswerk bespreekbaar is, en glijdende werktijden. Groep INTRO probeert op deze manieren zo goed mogelijk te zorgen voor een gezinsvriendelijk werkklimaat, en slaagt daar (meestal) in.
"Slaap je met hem?"
anoniem_0.jpg
An, Amsterdam (Belgische)
Tijdens een van de laatste gesprekken met mijn masterscriptiebegeleider (een scriptie over de receptie en nationalistische pamfletfunctie van de roman ‘Jacob van Artevelde’ van Hendrik Conscience) zei deze professor: “Er zit materiaal in voor een promotieonderzoek. Ik kan in deze tijden niets beloven, maar laten we het proberen.” Zodoende. Ik begon een doctoraatsonderzoeksvoorstel voor te bereiden, maar over een ander thema. Hedendaagser en grimmiger. Hij vond het goed. Ondertussen werd ik door hem gevraagd om op een symposium over de herdenking van Europese schrijvers door de eeuwen heen, aan de Universiteit van Utrecht, een lezing over Conscience te houden. Dat deed ik en dat deed ik goed. Hij was tevreden. Naar aanleiding van die lezing volgde mijn eerste academische publicatie bij een vooraanstaande uitgeverij. Ik had voor de openingslezing van dat symposium een van mijn vrienden meegevraagd. Hij had al een promotieplek bemachtigd, twee jaar eerder, aan de Universiteit van Leiden. Toen we het over de lezing die ik zou geven hadden en dat mijn begeleider me voorgesteld had te gaan promoveren, was de reactie van die vriend: “Slaap je met hem?” Een paar weken later sprak ik af met een andere vriend om koffie te drinken. Hij had inmiddels een doctoraatsplek aan de Universiteit van Amsterdam toegewezen gekregen. Een hele slimme jongen is hij. We dronken koffie, praatten bij over verleden en toekomst. Ik vertelde over het voorstel dat ik aan het voorbereiden was en dat mijn masterscriptiebegeleider als promotor wilde optreden. Hij antwoordde met de vraag: “Ben je met hem naar bed geweest?” Twee maal dezelfde reactie van twee heel verstandige kerels met wie ik het goed kan vinden en overal om kan lachen. Dit keer lachte ik wat zachter. Ik wilde hetzelfde doen als zij: doctoreren. Een hoogleraar zag potentieel in mij, moedigde mij aan en geloofde oprecht dat ik het zou kunnen. Volgens de logica van mijn vrienden was het erg aannemelijk dat ik daarvoor de lakens met hem gedeeld had. Mooi, die logica!
Werkende, Afghaanse vrouw
anoniem_0.jpg
Anoniem
Ik vertel een verhaal van een Afghaanse vrouw die werkt. Een heel reëel verhaal. Een verhaal dat de achtergrond van de problemen van veel Afghaanse vrouwen weergeeft. ‘Nafisa,’ vraag ik als ze binnenkomt, ‘waarom doe je in godsnaam die boerka niet uit ?’ ‘Ik ben toch verplicht,",antwoordt Nafisa, "dat is onze traditie en het geeft ook veiligheid. Je wordt op straat dan niet betast." Nafisa werkt sinds kort als hulpje op het bureau van een rijke Afghaan. De echtgenoot van Nafisa is tien jaar geleden tijdens bombardementen gesneuveld. Hun huwelijk was een gedwongen huwelijk. ‘Maar een goed huwelijk,’ benadrukt ze. Hij was familie en dat stond garant voor een goed huwelijk.. Ze knikt overtuigd van zichzelf. Ze kregen drie kinderen. Twee dochters en een zoon. Onlangs heeft Nafisa met hulp van haar schoonvader, haar oudste dochter van 16 jaar uitgehuwelijkt. Ze voelt zich helemaal niet schuldig door het huwelijk van haar dochter. Want zo gaat dat in Afghanistan. Ze werd er zelfs bijna gek van dat ze niet genoeg eten had voor haar kinderen. Nafisa werkt al heel haar leven. Of liever, ze zoekt al heel haar leven naar eten. Voor zichzelf, maar vooral voor haar kinderen. Ook tijdens de Taliban. Toen verkleedde zich als een man en zocht op de straten of er iets te rapen viel. ‘ Bij Mansoor verdient ze nu een klein maandloon. Aan haar schoonvader heeft ze voorlopig niet verteld hoeveel ze verdient. Ze geeft hem een paar dollars van haar loon, de rest houdt ze. ‘Zo moet ik niet steeds bij mijn schoonvader aankloppen’, zegt ze. ‘Soms vraagt hij ...’ Ze wrijft met haar natte handen over haar voorhoofd, kijkt me dan met haar grote ogen aan. Ze zoekt mijn blik voor begrip. Verder vertelt ze niet...... Ik knik even waarmee ik aangeef dat ik haar heb begrepen. Ze glimlacht even, staat dan recht en gaat tussen de potten en pannen rommelen.
Ontslag na zwangerschap
anoniem_0.jpg
Anoniem
Ik had een kinderwens die na drie jaar nog steeds niet uitkwam. Dankzij IVF is deze wens heel snel uitgekomen. Na vijf maanden zwangerschap zei de gynaecoloog dat ik best niet meer terug aan het werk ging omdat ik anders veel kans had op een vroeggeboorte doordat ik een verkorte baarmoederhals had. Ik werkte op dat moment reeds 8 jaar in hetzelfde bedrijf. Ik bleef zoals aangeraden thuis en de verdere zwangerschap en bevalling verliepen prima. Toen, bijna op het einde van mijn bevallingsverlof, het moment aanbrak om opnieuw aan het werk te gaan werd ik gecontacteerd door mijn toenmalige verantwoordelijke voor een gesprek. Met de gedachte dat dit gesprek zou gaan om mij up to date te brengen over alles wat er was gebeurd tijdens mijn afwezigheid, stapte ik het lokaal binnen om een koude douche te krijgen. Ik hoefde niet meer terug te komen! Ik werd ontslagen! Hoefde geen opzeggingstermijn uit te doen. Reden? Reorganisatie. Ik had nog contact met personeelsleden en die konden mij nadien vertellen dat er helemaal geen reorganisatie had plaatsgevonden maar dat ze gewoon, toen ik nog in mijn 6de maand zwangerschap was, iemand anders hadden aangenomen. Jammer genoeg was ik toen nog niet aangesloten bij een vakbond waardoor ze voor mij geen rechtszaak wouden beginnen. Dit kon pas na zes maand lidmaatschap zeiden ze me.
Alleenstaande mama
anoniem_0.jpg
Danielle Dierckx
Als je de eindjes niet aan elkaar kan knopen… Als de maand te lang is … Als dat al niet erg genoeg is… Dan ben je ook nog vrouw én moeder. Hebben alleenstaande moeders het moeilijk? Ja. Hebben alleenstaande moeders het moeilijker dan alleenstaande vaders? Nee, op emotioneel vlak worden ze even hard uitgedaagd. Er is geen reden om aan te nemen dat de emotionele weerbots van een scheiding of overlijden of eender welk verlies van een partner, bij vrouwen zwaarder weegt dan bij mannen. Meer nog, misschien is het zelfs meer aanvaard bij vrouwen en kunnen ze daarom meer rekenen op begrip. Maar laat begrip nu juist niet de sleutel tot succes zijn. De toegang tot een volwaardige plaats op de arbeidsmarkt is functioneel en instrumenteel. De weg naar een job is geplaveid met voorwaarden als diploma’s, werkervaring en goede referenties. De mensen met de meeste flexibiliteit en breedste beschikbaarheid hebben een streep voor. Deelnemen aan de arbeidsmarkt is en blijft een competitie: van de eerste tot de laatste selectieronde. Hebben alleenstaande moeders het op dit vlak moeilijker? Ja. Wetenschappelijk onderzoek biedt sluitende bewijzen. Deze vrouwen zijn minder gewapend: zij haalden in vele gevallen een lagere scholingsgraad en doorheen de jaren zijn zij minder in staat om zich onderweg bij te scholen. Op het einde van de rit weerspiegelen hun onderbroken loopbaan en laagbetaalde jobs zich in hun mager pensioen. Als moeders – soms met een eigen moeilijke kindertijd – willen zij het beste voor hun kinderen. Zij willen het betere voor hun kinderen; beter dan dat het voor henzelf was. Dat gaat niet als flexibele werkuren niet stroken met de kinderopvang of schooluren. Dat lukt niet als de kosten van de kinderopvang uiteindelijk ervoor zorgen dat het krappe huishoudbudget nog krimpt. Dat is absurd als door het vinden van een job ook andere sociale voordelen wegvallen. Tot op vandaag behoren vele alleenstaande moeders, die flirtten met de armoedegrens, plots tot het echte armenkorps als ze een (laagbetaalde of deeltijdse) job aanvaarden. Het is een averechts effect, dat niemand zo bedoelt, maar waar we met z’n velen al te lang naar staan te staren. Corrigeren en bijsturen is de boodschap. En liever gisteren dan vandaag.
Getuigenis van een man, 3 kids
anoniem_0.jpg
Tim Torfs
Een probleem waardoor vrouwen nog steeds minder kansen krijgen op de arbeidsmarkt heeft volgens mij ook te maken met de algemene mentaliteit in onze samenleving en op de arbeidsmarkt. Het is volgens mij nog steeds zo dat de standaardvisie is dat mannen fulltime behoren te werken. Voor veel gezinnen is een tweede inkomen noodzakelijk, maar als er zorgtaken (zorg voor familieleden, opvoeding kinderen) moeten worden opgenomen, zijn het in de meeste gevallen nog steeds vrouwen die de stap zetten om minder te werken (4/5, halftijds, tijdelijk niet). De cijfers bevestigen deze stelling. Dit heeft volgens mij ook te maken met het stigma dat er heerst ten aanzien van mannen om minder te gaan werken. Als mannen besluiten om minder te gaan werken, zal dit al snel worden gepercipieerd als een gebrek aan ambitie. Ook werkgevers zijn geneigd zich minder open en/of flexibel op te stellen tegenover mannen die zorgtaken willen opnemen en er bewust voor willen kiezen minder te werken. Daardoor zullen mannen dit ook effectief minder doen. In het gevaar veralgemenend over te komen worden vrouwen die een stap terug zetten naar mijn mening vooral gezien als zorgzame moeders. Hun stap terug is logisch en wordt gezien als positief. Vrouwen die wél fulltime blijven werken in drukke familiale tijden worden al snel gezien als harde tantes, de afwezige moeders, negatief. Bij mannen is dit net andersom. Als zij besluiten (tijdelijk) minder te gaan werken, wordt dit al snel beoordeeld als een gebrek aan ambitie op professioneel vlak. De rem die dit zet op hun carrière moeten deze ‘softies’ er dan maar bijnemen. Mannen die voluit voor hun carrière gaan, werken nu eenmaal fulltime, liefst nog wat meer, dan ben je pas een echte professional. Dat hoort zo. Vooral positieve connotaties dus. Veel mannen ervaren daarom ook schroom om bijvoorbeeld ouderschapsverlof op te nemen, 4/5 of halftijds te gaan werken. Dit betekent dat de druk om minder te gaan werken veel groter is voor vrouwen, terwijl de druk om fulltime te blijven werken (ook al vraagt het gezinsleven op dat ogenblik in hun leven er misschien om wat minder tijd te werken) op mannen veel hoger is. Willen we tot een gelijkwaardige positie komen tussen man en vrouw op de arbeidsmarkt, dan is er een mentaliteitswijziging nodig. Een suggestie kan bijvoorbeeld zijn om het ouderschapsverlof (en dus niet enkel het vaderschapsverlof, dat ondertussen al meer is ingeburgerd) ook voor mannen verplicht te maken.
Ongelijkheid op de werkvloer
anoniem_0.jpg
Anoniem
Als consultant komt het nogal eens voor dat ze je optrommelen voor de bestuursvergadering … dit was ook het geval vorige week woensdag. Naast de aandeelhouders van de investeringsmaatschappij was ook het management aanwezig en nog wat externen met ‘kennis’ van zaken. Tegen het einde van de meeting is het mijn beurt en stap ik de zaal binnen … een eerder onaangenaam gevoel bekruipt me. Ik kan er niet dadelijk de vinger op leggen maar al snel wordt het duidelijk… ALLEEN mannen. En ik voel gelijk ook dat de sfeer in de zaal veranderd. Het was alsof de speeltijd er zat aan te komen … is HR dan zo van ondergeschikt belang? => is het eerste wat ik denk. En ik zet mij schrap … plots praat ik strenger, harder, ipv te gaan zitten blijf ik rechtop staan. Merkwaardig hoe ik mij aanpas aan de situatie. Ik ga als het ware in mijn “mannelijkheid” staan kan ik na afloop zeggen. Bij het schrijven van deze tekst denk ik … hoe spijtig! Hoe spijtig is het dat dit vandaag nog bestaat. Bij deze klant werken er bijna evenveel mannen als vrouwen, in de omgeving van deze klant wonen er bijna evenveel vrouwen als mannen en als de school naast de fabriek gedaan is zie ik evenveel meisjes als jongens huiswaarts trekken. Waarom bestaat die bestuursvergadering dan enkel uit mannen? En dit terwijl een mooi evenwicht het resultaat van dit bedrijf enkel ten goede zou komen. Want we zijn anders mannen en vrouwen en maar goed ook. Maar dat anders zijn wil ook zeggen dat we van elkaar kunnen leren. We gaan elkaar ook beter kennen door samen te werken, we gaan de sterktes van elkaar leren kennen en deze kunnen we gericht inzetten waardoor we als groep/ eenheid nog sterker worden. En nu zie ik iedereen knikken en denken “dat is waar” … maar toch, na jaren werken aan lekkende buizen en glazen plafonds zie ik maar weinig verandering.
Kansen grijpen
elke_sept_14.jpg
Elke Jeurissen
Gelijke kansen krijgen op het werk, ik geloof daar niet echt in. Kansen grijpen wel. Neem nu mijn eerste baas, een Franstalige Brusselaar die geen woord Nederlands kende en met drie even eentalige mannen een communicatie-agentschap uit de grond had gestampt. Hij was zo slim om twee jonge Vlaamse vrouwen 'vers van de unief' aan te werven om multinationals binnen te rijven. De grootste opportuniteiten lagen immers in Vlaanderen. Positieve discriminatie met een duidelijk doel dus. Een man zou minder kansen gekregen hebben. Het was een heerlijke tijd, wij reden met een Fiat Uno het hele land rond en haalden klant na klant binnen. En we leerden naast verkopen Brussel kennen en spraken na 2 jaar haast perfect Frans. Van mijn tweede baas kregen zowat alle vrouwen meer kansen dan mannen. Maar je moest wel je mannetje staan, hij was het type met losse handjes. Het gewauwel na de zoveelste te lange en te weloverwogen business lunch met klanten moest je erbij nemen. Niemand ging er tegenin of zei er iets over. Ik weet niet waarom. Maar toch, ik heb er heel veel geleerd, heel veel projecten mogen opstarten, in een heel fijn team van mannen en vrouwen die samen fantastische campagnes maakten. Misschien wel de meest collegiale sfeer die ik gekend heb. En toch gaf ik mijn ontslag. Op naar de derde baas, nog altijd geen 30, en weer kreeg ik veel kansen. Een reputatie van vrouwenzot maar in de feiten een man die vrouwen echt evenveel kansen gaf als mannen. Hen ook vooruitduwde voor topvergaderingen of publieke optredens in zijn naam. Hij gaf erg veel vertrouwen aan al zijn medewerkers. Of de vrouwen evenveel verdienden als de mannen, daar durf ik wel aan te twijfelen, maar ik weet het niet. Drie bazen, dat vond ik wel genoeg. Dus startte ik samen met een andere vrouw voor het eerste een eigen bedrijf zo'n 15 jaar geleden. Iedereen, mannen en vrouwen verklaren je voor gek, zoals dat meestal gaat bij startende ondernemers. Een opportuniteit zien en een kans grijpen, dat was het. De man die je die kans geeft of gunt is op dat moment je eigen echtgenoot, zelf al enkele jaren ondernemer. Plots zijn klanten de facto je baas. Veel mannen gaven ons als kersvers bureau een kans. Ze gaven vertrouwen, opdrachten, budgetten. Wij leverden goed werk en dus bleven ze, sommigen zelfs 10 jaar klant. Vandaag ben ik ondertussen al vier jaar bezig met de uitbouw van mijn tweede bedrijf. Opnieuw met een vrouwelijke vennoot. Ik denk dat het geen toeval is. Ik werk graag samen met vrouwen. Maar ook met mannen. Eigenlijk heb ik er nooit bij stil gestaan. Tot ik meer en meer vrouwen rondom mij zag die erg goed waren in hun vak, maar ook nog in iets anders: zichzelf verstoppen. Ik startte met de Straffe Madammen Club om hen zichtbaar te maken in de media, op congrespodia en binnen bedrijven. 'Kom uit uw kot' is mijn boodschap. Laat zien wie je bent, wat je doet, durf wat meer te stoefen. Gelijke kansen creëren, dat begint bij jezelf.
Ongelijkheid
anoniem_0.jpg
Professor Dirk Voorhoof
Een ongelijke benadering van mannen en vrouwen doet zich voor in veel geledingen van de samenleving, zoals bijvoorbeeld ook in de academische wereld en de media. In Scandinavië is een debat met experts ondenkbaar zonder vrouwen. In België zijn uitsluitend mannelijke panels nog altijd schering en inslag.
"Omdat we het quotum vrouwen moeten halen”
anoniem_0.jpg
Anoniem
Een paar jaar gelden vroeg mijn baas mij te zetelen in een zeer belangrijk orgaan. Ik was blij met zijn vraag maar ik vroeg hem waarom hij mij koos want ik kende immers niets van de materie. Op zich vond ik dat niet zo’n probleem, ik leer snel maar er waren toch collega’s die meer expertise hadden op dat vlak … dus why me!? En toen kwam de kat op de koord: “Omdat we het quotum vrouwen moeten halen” zij mijn baas zeer gewoontjes. Mijn vreugde ebde weg … Ik voelde mij koud gepakt: ik werd niet gevraagd om wie ik was maar gewoon omdat ik een vrouw was. En dat deed pijn. Een vrouwelijke collega begreep mijn frustratie niet. “Neen,” hoor ik haar nog zeggen, “je moet dat anders zien, je bent gevraagd omdat je een vrouw bent en omdat ze vrouwen nodig hebben om het verschil te maken. Jij gaat het VERSCHIL maken.” Maanden deed ik er over, een gevecht met mezelf. Mijn verstand volgde de redenering maar mijn gevoel wilde niet mee. Tot op vandaag … Hoewel, ik merk vooruitgang bij mezelf, ik ben overtuigd dat er quota moeten zijn voor vrouwen! En ik zal dit ook in alle toonaarden verdedigen. Maar, als ze mij morgen voor iets vragen enkel en alleen omdat ik een vrouw ben, weet ik voor de volle 100% zeker dat ik weer gekwetst zal zijn.
Vrouw en macht
anoniem_0.jpg
Anoniem
Als een vrouw macht heeft, dan heeft ze die gekregen door mannen ter wille te zijn. Zo lopen er heel wat sletten en matrassen met een hoge functie rond. Mechelen had een paar jaar geleden een vrouwelijke minister en daarvan werd gezegd dat ze “de matras van Mechelen” was. Vervolgens hadden we nog een belangrijke politica en ook zij werd plots “de matras”. Sorry dat ik het zo rechtuit neerschrijf maar dit zijn de letterlijke woorden zoals ze uitgesproken werden, ook door mensen met een hoge functie. En helaas soms zelfs ook eens door een vrouw. Maar ik heb nog nooit iemand Bart Somers of Kristof Calvo een matras horen noemen (of iets wat erop zou wijzen dat zij hun macht door iemand anders buiten henzelf zouden hebben verworven).
Superwoman
anoniem_0.jpg
Fatma Keskin
“Hoe combineer je dat toch allemaal?” Naar het gelang van de intonatie van de vraag, klinkt ze best oprecht als een teken van empathie, en voor sommigen zelfs flatterend; je moet wel één of andere supervrouw zijn gezien je, afgaand op de vraag, iets onmogelijk combineert én het wordt nog opgemerkt ook. Voilà. Langzamerhand valt de romantische mantel af en voelt de terugkerende vraag eerder confronterend en rauw aan. Mannelijke collega’s – op welke plaats dan ook op de professionele ladder , wordt die vraag gewoon niet gesteld. Missen ze dan enige empathie, of staat hun draagkracht en organiseertalent tout court buiten kijf? Gelukkig ben ik omringd door een aantal topvrouwen binnen het bedrijf die - vooral door goede (mannelijke!) coaching - het pad lijken te hebben geëffend voor de volgende generatie. Ja, allemaal vrouwen die het kunnen bolwerken, goed zijn georganiseerd en hun vrouwelijkheid hebben behouden. Een goed bewaard geheim dat ik recent heb opgevangen: laat je meer strategisch coachen en verwerf meer business-inzichten. Vrouwen worden nog te vaak en te veel gementord op soft skills, wat ten koste gaat aan de gewenste diversiteit die broodnodig is op elk niveau van het bedrijfsleven. Commercial Legal Counsel Europe, Middle East & Africa
Ongelijkheid op de werkvloer
anoniem_0.jpg
Sofie De Graeve namens Vrouwen Overleg Komitee
Of het nu gaat om de ondervertegenwoordiging van vrouwen aan de top en de oververtegenwoordiging van vrouwen in precaire jobs. Of de 45% vrouwen die deeltijds werkt en de 80% vrouwen die geraakt wordt door het halveren van de inkomensgarantie-uitkering bij onvrijwillig deeltijds werk. Of de discriminatie van zwangere vrouwen en van vaders die ouderschapsverlof willen nemen.De cijfers bewijzen dat gelijkheid v/m op de werkvloer nog lang geen realiteit is. En bovenop de kloof tussen vrouwen en mannen ent zich een etnische kloof. Vrouwen van etnisch-culturele minderheden worden met een dubbele achterstelling en discriminatie geconfronteerd: als vrouw én op basis van hun herkomst. Er zijn tools om die scheefgegroeide verhouding recht te trekken (quota, een genderneutrale functieclassificatie, praktijktests, gendermainstreaming van het sociaal-economisch beleid...). De toepassing verloopt evenwel geenszins van een leien dakje. Bovendien zien we voor een aantal van de huidige oplossingen, zoals de verlofstelsels en de dienstencheques die de combinatie van arbeid en gezin moeten faciliteren, een gigantisch Matheüseffect: Er wordt vooral gebruik van gemaakt door wie een goed inkomen en een goede job heeft. Als Vrouwen Overleg Komitee (VOK) willen wij meer dan alleen het bijsturen of rechttrekken van bestaande ongelijkheden op het kruispunt van geslacht, herkomst, sociaal-economische positie... We willen een andere organisatie van werk in onze samenleving die van meetaf aan een belofte op meer gelijkheid inhoudt. Het VOK pleit voor collectieve werktijdverkorting voor iedereen, met loonbehoud en evenredige aanwervingen. Dat laat vrouwen én mannen, maar ook alleenstaande ouders, toe om betaald werk te combineren met zorg voor familie en omgeving. Het vergroot de financiële onafhankelijkheid van veel vrouwen omdat de norm voor voltijds werk en dito inkomen en sociale rechten verschuift. En het biedt meer zorgkansen aan mannen. Waarop wachten we nog? ​
Eigen schuld?
anoniem_0.jpg
Anoniem
Onlangs ging ik lunchen met de vriendin van een wereldwijd gerenommeerde vrouwelijke professor die zelfs een tijdlang haar land vertegenwoordigd heeft bij de Verenigde Naties. Toen het gesprek afdwaalde naar genderongelijkheid op het werk, trok mijn gesprekspartner fel van leer: “Dat er zo weinig vrouwen aan de top zijn, is de schuld van vrouwen zelf. Vrouwen willen gewoon te veel: ze willen én een carrière én kinderen. Als je als vrouw echt voor je carrière kiest, dan kom je er wel, kijk maar naar mijn vriendin.” Zo ging ze nog een tijdje door: “Gaan voor je carrière is niet altijd gemakkelijk. Je moet daar ook veel opofferingen voor willen doen. Mijn partner heeft geen kinderen, wat soms ook eenzaam is.” Toen ik vroeg: “En die topmannen waar je vriendin mee rond de vergadertafel zit, hebben die kinderen? Hebben die ooit moeten kiezen tussen een gezin en een carrière?” Daarop werd ze even stil, dacht na en plots kwamen er dan toch ook bij haar bedenkingen over ongelijkheid op de werkvloer naar boven. Soms zien vrouwen op het eerste zicht gewoon het probleem niet maar eens ze erover nadenken (of aan het denken gezet worden), dan kan geen enkele vrouw akkoord gaan met het feit dat 50% van de Belgische directies enkel en alleen uit mannen bestaan (en dat het in andere landen allesbehalve beter is), en dat het heel normaal is dat er achter een sterke man een sterke vrouw staat die hem de vrijheid en ruimte geeft zijn carrière te ontplooien maar dat de omgekeerde situatie zich amper voordoet.
Jonge ambtenaar met universitaire opleiding
anoniem_0.jpg
Anoniem
Jonge ambtenaar met universitaire opleiding, werkend onder leiding van oudere mannen zonder opleiding: Mijn dienstchef vraagt aan een collega (waar wij bij staan) hoe dat het bij hem in het poeperkeshol gaat. Die antwoordt : gij hebt anders ook veel vrouwen bij u werken, hoe zit dat bij u. Dienstchef : ik pak ze alleen met mijn ogen, ik mag er niet aankomen. Wij zijn federaal ambtenaren. Ander verhaal : gans project wordt door vrouwelijke collega afgerond. De evaluatie is plots zijn bevoegdheid en de it die van een andere man gebeurd die vraagt wat dan de rol nog zal zijn van mijn vrouwelijke collega. De dienstchef antwoordt : ze mag voor de koffie zorgen. Promoties zijn op komst : de dienstchef zegt publiek dat hij liever een man voordraagt die niet aan de benoemingsvoorwaarden voldoet dan een vrouw die er wel aan voldoet. Als wij daarover klacht indienen bij zijn baas, zegt de dienstchef waar we bij zijn tegen de mannelijke collega dat vrouwen toch snel op hun tenen betrapt zijn,alleen maar zagen en geen gevoel voor humor hebben. Vervolgens dreigt hij dat als we er nog iets van zeggen hij onze promotie zal weigeren. En zo kan ik jullie nog 100-den verhalen vertellen. Welkom in de overheid die het goede voorbeeld zou moeten geven maar dergelijke zaken met de mantel der liefde worden toegedekt door ... andere mannen
De mythe van gelijke kansen
anoniem_0.jpg
Joanne Muller
Op de basisschool was ik leergierig en deed ik mijn best. Ik stak zo vaak mogelijk mijn hand op en maakte er een sport van zo min mogelijk fouten te maken bij een toets. Ik droeg de oude truien van mijn zes jaar oudere broer en had pluizig haar. Mijn voorkomen was enigszins lomp. Toch had ik een paar vrienden, het was een fijne tijd. Op de middelbare school bleef ik leergierig, maar had ik geen zin om boeken uit mijn hoofd te leren. Regelmatig lag ik in lessen met mijn hoofd op tafel, soms zelfs te slapen. Gelukkig kreeg ik soms creatieve opdrachten: schrijven, zelf onderzoek doen, grote vraagstukken, knutselprojecten. Ik presteerde net goed genoeg en slaagde voor het VWO. Op de universiteit veranderde er iets. Mijn leergierigheid kreeg een groter doel: de mensenwereld begrijpen. Hoe mensen samenleven, elkaar beïnvloeden, keuzes maken. Sociologie bood uitkomst. Studievragen werden mijn eigen vragen. Ik kreeg de slag te pakken, werd fanatiek. Ik studeerde cum laude af. Wat is er bijzonder aan dit verhaal? Helemaal niks, het gaat over de schoolcarrière van een kind in Nederland. Gaat het over een jongen of een meisje? Wat weten we over de ouders? Geen idee, dit verhaal kan over ieder kind gaan, zowel arm als rijk. Dat is zo mooi aan Nederland (en België): iedereen kan naar school, moet zelfs. Jongens en meisjes presteren op school even goed en hebben de kans om te studeren. Ok, hoe gaat het verhaal verder? Na mijn afstuderen solliciteerde ik bij de overheid en werd meteen aangenomen. Wat een mazzel! Het voorgestelde startsalaris kreeg elke starter zeiden ze dus dat accepteerde ik meteen. Mijn werk was inhoudelijk interessant, ik leerde veel en was ambitieus. Na verloop van tijd merkte ik dat ik toch liever onderzoek wilde doen. Ik reageerde op twee verschillende vacatures als wetenschappelijk onderzoeker en werd bij allebei aangenomen. Weer zo’n mazzel! Inmiddels werk ik als onderzoeker op een fijn instituut met heel slimme collega’s. Dit verhaal is waarschijnlijk geschreven door een vrouw. Waarom? Ze onderhandelt niet over salaris en neemt geen risico bij sollicitaties. Haar succes schrijft ze toe aan geluk, hard werk of hulp van anderen. Ze beschrijft geen persoonlijke prestaties. Dat is typerend voor vrouwen; gemiddeld onderhandelen ze minder over beloning dan mannen, benoemen eigen succes minder en nemen minder initiatief om stappen omhoog te doen. Het gevolg: vrouwen verdienen gemiddeld minder dan mannen en hebben minder vaak leidinggevende posities. Wat ik ongelofelijk boeiend vind is deze paradox: vrouwen in Nederland zijn even goed opgeleid als mannen, maar toch verdienen ze uiteindelijk minder en hebben minder macht. Hoe komt dat? Waarom is de vrouw in dit verhaal zo voorzichtig? Waarom neemt ze niet evenveel risico als haar mannelijke vrienden? Ze deed het toch goed op school, ze is toch even slim? Ik zou het moeten weten: het verhaal in dit stuk gaat over mijzelf, een vrouw van 26 jaar. Ik ben opgegroeid met een rotsvast vertrouwen in gelijke kansen. Verhalen over achtergestelde vrouwen gaan niet over mij, daar herken ik me niet in. Ik heb kans op succes, als ik het zelf maar wil. Inmiddels heb ik ook geleerd dat we in een bijzondere, revolutionaire tijd leven. Voor het eerst in de geschiedenis van de mensheid doen vrouwen, moeders incluis, op grote schaal mee aan arbeid buitenshuis. Waarden en normen veranderen echter langzaam. De vrouwen van nu leven met een ‘innerlijke erfenis’ van 5000 jaar man-vrouw ongelijkheid en dat is: bescheiden zijn. Samen met mijn mede-twintigers ben ik daarom maatschappelijk pionier. Als ik op werk angst voel om iets te zeggen en neig naar voorzichtigheid, dan put ik moed uit een groter doel: een nieuwe man-vrouw standaard neerzetten. Bij mijn volgende sollicitatie neem ik risico door voor een hogere en/of inhoudelijk sterk uitdagende functie te kiezen, en ik onderhandel altijd mijn salaris.
Leerkracht: veel meer
anoniem_0.jpg
Anoniem
Ik heb een verhaaltje: een paar jaar geleden was ik als leerkracht aan de slag op een school in "the deep West-Flanders". Ik deed mijn uiterste best, want hoopte natuurlijk een volgend schooljaar te kunnen blijven. Op het einde van het semester werd ik geëvalueerd. De collega voor wie ik insprong, was bijzonder tevreden. De directie kwam langs in de les. Toch werd ik niet aangenomen het volgende jaar. De reden: ik sprak te luid... Ik maakte telkens een goede voorbereiding, zorgde dat ook alles administratief tot in de puntjes in orde was, etc. etc. Maar goed, ik sprak te luid, dus kon uiteraard niet aanblijven... Tot ik hoorde hoe het twee mannelijke collega's was vergaan: eentje maakte nooit voorbereidingen, kwam meermaals te laat, enz. Hij mocht blijven. Een andere deed z'n job goed, maakte soms voorbereidingen, maar waarschuwde zijn leerlingen voor "inspectie" door de directie, hij mocht ook aanblijven... Mannelijke leerkrachten zijn dun gezaaid tegenwoordig in het onderwijs. En om één of andere reden passen heel wat scholen voor hen, een vorm van "positieve discriminatie" toe, zelfs in die mate dat als je maar een halve job aflevert, ja als man toch kan aanblijven. Er wordt bij hen veeeel meer door de vingers gezien: slordig zijn, geen voorbereiding maken, "botter" zijn tegen leerlingen, het leerlingvolgsysteem niet aanvullen, "de bar doen" op het schoolfeest terwijl de vrouwen 's avonds poetsen. We moeten onze kinderen opvoeden tot mensen die man en vrouw evenwaardig achten, maar van maar reeds in het onderwijs loopt het al verdomd scheef.
Doctor of professor?
anoniem_0.jpg
Roberta D'alessandro
90% of my BA students are female and then only 14% of the professors in the Netherlands are. I think we hit the 21% in the faculty of Humanities and they’re quite glad about it (!) I struggled to organize a workshop on gender inequality with the Young Academy, and after 5 years we finally got one, but ON DIVERSITY: gender alone was not enough, they think, as a problem; the people who opposed most to the gender inequality workshop were my female colleagues, as they don’t think there’s a problem. Also, I’ve heard them say (more than once) that they feel very bad for keeping their children at kindergarten more than 3 days per week. When I told them that my mother worked at 40km from home and I went to kindergarten/school 6 days a week they were kind of commiserating me... I don’t understand them at all, but I’m Italian, so from a different background. There is a very strong peer pressure in the Dutch society about women having to stay at home and take care of the children, and help the teachers at school. This is for me totally out of place, and I perceive it as an intrusion, but they feel they have to participate actively to their children’s life. With not very good results, it seems to me. For myself, I never felt I was a victim of the system though. Quite the opposite, in fact: I keep getting invited everywhere because I am one of the very few women in academia at “high” positions, and most of the times I wonder whether they’re inviting me for what I can contribute or because I’m a woman. There is however a tendency by old white men to address me as “doctor” and my male colleagues as “professors”, in formal circumstances.
Ranking voor miskramen
anoniem_0.jpg
Anoniem
Een ranking voor miskramen Als de kippen waren ze erbij, mijn werkgevers, om me van zodra ik zwanger was te reduceren tot mijn voortplantingsorganen. Al had ik er al een loopbaan van 15 jaar op zitten. Al had ik al die tijd niet alleen overdag gewerkt, maar ook 's nachts en tijdens weekends, zonder betaalde overuren of geregelde recupdagen. Als valse zelfstandige heb je daar geen recht op. Het telt ook niet voor de berekening van je ontslagpremie, zou ik later leren. Al was ik zelfs tijdens mijn zwangerschapsverlof bereikbaar voor input en advies aan de persoon die me bij mijn terugkeer uiteindelijk een hak zou zetten en me uit het team zou weren. Ik was alweer drie maanden aan de slag, en probeerde een manier te vinden om om te gaan met alle omstandigheden die tijdens mijn zwangerschapsverlof veranderd waren. Mijn leidinggevende functie was opgezegd. Na meer dan zeven jaar coördineren en creatieve ideeën uitzetten, werd ik zonder overleg verplicht om de ideeën van iemand anders uit te voeren. Ik had geen verweer: ik was een prille moeder, ik wilde mijn job niet kwijt. Maar gelukkig was ik er niet mee, met die wending van mijn ooit zo boeiende loopbaan. Negen maanden na de geboorte van mijn dochter bleek ik opnieuw zwanger. De eerste controle toonde evenwel dat het hartje van het vruchtje niet klopte. Een tweede controle een paar dagen later bevestigde dat. Ik had wat men noemt een uitgesteld miskraam. Mijn lichaam stootte het niet meteen af. Mijn arts vond het niet nodig om een curettage te doen, hij raadde me aan te wachten tot het op natuurlijke wijze kwam. Ik bracht mijn werkgever op de hoogte, vroeg om discretie en ik wachtte. Drie weken lang. Tot het voorbij was. Geen haar op mijn hoofd dat eraan dacht te gaan werken, hoe zou ik mijn werk kunnen doen als er elk moment... Wat er uiteindelijk kwam had ik niet eens durven bedenken. Het waren de pijnlijkste dagen uit mijn leven. Toen ik uiteindelijk weer op mijn werk verscheen, de tranen amper droog, nam de hoofdredacteur me apart. Wat is zo'n verlies van een kindje van 10 weken als je weet dat er vrouwen zijn die miskramen hebben op vijf, zes maanden, zei hij. Dàt was pas erg. Ik knikte flink. Pijn hebben was niet toegelaten. Kwetsbaar zijn verboden. Veel later hoorde ik dat een van de chefs het voor al mijn collega’s had verkondigd: dat andere vrouwen maar een week thuisbleven na een miskraam. Waarom moest dat bij mij zo lang duren? Als laatste gerankt worden in de wedstrijd voor vrouwen met een miskraam: #tisnietoké
Groot nieuws
anoniem_0.jpg
Anoniem
Na net geen drie maanden zwangerschap vertelde ik het grote nieuws op het werk. Alles ging goed, dus er was geen enkele reden om het nog langer geheim te houden. Een week later kreeg ik groot nieuws van mijn manager: ik mocht vertrekken… Na negen jaar hard werken, werd ik ontslagen. Ik had nooit een slechte evaluatie gehad en werd bedankt voor bewezen diensten, zogezegd omdat ik niet meer voldeed aan de vereisten voor mijn functie. Mijn werkgever blijft beweren dat mijn ontslag niets met mijn zwangerschap te maken had, maar ik heb er toch heel sterke twijfels bij.
Vuilgebekt
saartje.jpg
Saartje Vandendriessche
Het feminisme zou verplichte leerstof moeten zijn in het middelbaar, voor zowel meisjes als jongens. In Zweden ontvingen onlangs alle zestienjarigen het boek We should all be feminists van de Nigeriaanse schrijfster Chimamanda Ngozi Adichie cadeau en dat is een goede zaak. Ikzelf heb het vak theories of feminism gevolgd tijdens mijn Erasmustijd in Leads en mijn ogen gingen open. De reden dat feminisme zo weinig geliefd is, ondanks haar vele verwezenlijkingen waaronder het stemrecht voor vrouwen, is onwetendheid. Vele vrouwen en mannen zijn zich niet bewust, of toch te weinig, van het grote verschil in kansen dat vrouwen en mannen krijgen. Door die onwetendheid kan het feminisme ook gemakkelijk worden geridiculiseerd. Als ik bvb de loonkloof tussen mannen en vrouwen aanklaag, dan krijg ik vaak te horen: ‘Seg, lees eens een ander boekske dan de Flair.’ 4 jaar geleden heb ik het toneelstuk Wolfsvrouwen gemaakt. Hoe meer research ik deed voor dat project, hoe meer de ongelijkheid me ging opvallen, en nochtans was ik er al gevoelig aan. Bvb: hoe vaak mannelijke collega’s vrouwelijke collega’s negeren. Een ander voorbeeld: mannen op een podium die vuilgebekt zijn en hun ding doen, krijgen daarvoor applaus. Een franke, vuilgebekte vrouw moet eraan. Zeker op sociale media. Mannen moeten intelligent zijn en iets te zeggen hebben, vrouwen moeten nog te vaak vriendelijk en mooi zijn, hoewel ik daarin, gelukkig, verbetering zie. En toch denk ik ook vaak dat vrouwen het zichzelf en andere vrouwen moeilijk maken. Mannen steunen elkaar veel gemakkelijker dan vrouwen elkaar steunen. Tegenover het Old Boys Network zou er een hechte Sisterhood moeten komen, een soort van niet-uitgesproken maar duidelijke afspraak onder vrouwen om elkaar vooruit te helpen.
Solliciteren of niet? Waarom twijfelen?
anoniem_0.jpg
Anoniem
Ik had al uitgemaakt dat ik niet zou solliciteren voor die directiefunctie. Het was niet dat ik geen goesting had of ideeën over wat er allemaal zou kunnen in die job. Maar ik vond me te onervaren, niet zeker genoeg, geen geboren leider. Allemaal goede redenen om het niet te doen. Ze zouden wel iemand vinden die het beter zou doen. Gelukkig zijn er heel wat mensen – vrouwen – me komen zeggen dat ik dat oordeel zelf niet moest vellen, dat selectiecommissies dat wel zouden doen. “Mannen grijpen zo een kans onmiddellijk, het is maar omdat je vrouw bent dat je twijfelt”, klonk het. Blijkbaar had ik – net als vele andere vrouwen blijkbaar – die stevige duw in de rug echt nodig, om me te overtuigen van mijn capaciteiten, mijn zelfvertrouwen net dat tikje hoger te tillen. Of gewoon om de stap te wagen. Wat ik voortaan zal doen als ik zie dat een vrouw aan zichzelf twijfelt? Haar stimuleren vooral niet te twijfelen, om alle kansen te grijpen en om te durven, en om vooral geen oordeel over zichzelf te vellen.
De bouwsector: mannenwereld old skool
interieur_kantoor.png
Suzanne Huibers
Ik was een tijdje geleden werkzaam in de bouwsector. Wat een mannenwereld old skool is dat toch nog. Vrouwennamen werden er nog met een verkleinwoord uitgesproken: Sofietje dit, Annickske dat, … Maar ik heb nooit iemand Marcske of Frankske horen zeggen. Tijdens vergaderingen werden steevast de vrouwen gevraagd om koffie te gaan halen. Mijn directe chef was ook ronduit bot tegen mij, op een manier zoals ik hem nooit heb horen doen tegen mannelijke collega’s. “Je wordt betaald om te zitten, lopen doe je maar thuis”. Regelmatig nodigde de chef de mannelijke collega’s uit voor een avondje poker met sigaren bij hem thuis. Niemand van de vrouwelijke collega’s werd ooit meegevraagd. Ik ben eerlijk gezegd blij dat ik er weg ben. Niet alleen het interieur maar ook de mentaliteit deden me veel te veel denken aan de jaren ’60.
Statement
francisva_van_thielen.png
Francesca Vanthielen
Het is tegenwoordig bon ton om als vrouw te verklaren dat ze in géén geval een feministe is. Wat een degradatie van een woord dat simpelweg staat voor gelijkwaardigheid (of: gelijke rechten?) tussen vrouwen en mannen. En wat een verloochening van de moeizame strijd die generaties vrouwen voor ons hebben geleverd. Ik ben feministe en dat zal ik blijven zeggen zolang er ongelijkheid tussen vrouwen en mannen bestaat. Ook de Canadese Premier Justin Trudeau verklaarde publiekelijk dat hij trots is een feminist te zijn. Op zo’n statement van Poetin of Trump zal het helaas nog even wachten zijn.
Vrouwen moeten meer in zichzelf geloven.
petra.jpg
Petra De Sutter
De academische wereld is een mannenbastion, wordt wel eens gezegd. Niet zo als we naar de verhouding jongens-meisjes kijken die hogere studies aanvatten. Er zijn meer vrouwelijke studenten dan mannelijke. Ook bij degenen die doctoreren valt het nog mee, daar zijn er ongeveer evenveel mannen als vrouwen. Maar dan begint de ongelijkheid. Naarmate men de ladder opklimt, worden vrouwen steeds zeldzamer. Ondanks het feit dat de rector van de Universiteit Gent nu een vrouw is, zijn slechts 20% van de professoren vrouwen. Voor de hoogste graad, het gewoon hoogleraarschap, is dat nog slechts 10%. En onze decanen zijn allemaal mannen... In de politiek is het niet beter. In het Europees Parlement zijn slechts 29% van de parlementsleden vrouwen. In onze eigen federale regering zijn er slechts 4 vrouwen op 18 ministers en staatssecretarissen. De vraag is natuurlijk hoe dit komt en wat we er kunnen aan doen. Is de Ugent een vrouwonvriendelijke universiteit? Neen, natuurlijk niet. Er is een zeer actieve cel "gender en diversiteit". Er zijn quota voor de bestuursorganen, en er worden veel vrouwvriendelijke initiatieven genomen. Er is het Menza project (een mentorproject speciaal voor vrouwelijke postdoctorale medewerksters), benoemingscommissies worden divers samengesteld en er worden tal van maatregelen genomen om de work-life balance te bevorderen, zoals kinderopvang en thuiswerkmaatregelen. Vrouwen nemen nog steeds vaker de zorg op voor de kinderen dan mannen. Er is natuurlijk nog de zwangerschap en de bevalling, die voor exclusieve rekening van de vrouw komen. Moeten vrouwen dan maar kiezen? Is het nog steeds ofwel kinderen krijgen ofwel voor een carrière gaan? De vruchtbaarheid neemt af met de leeftijd en dus kunnen vrouwen hun kinderwens niet eindeloos uitstellen. Integendeel, vruchtbaarheidsspecialisten blijven erop hameren dat vrouwen hun kinderen vroeg genoeg moeten krijgen. Vrouwen kunnen nu eicellen invriezen en deze bewaren voor later. Indien ze geen partner hebben, maar misschien ook om eerst een carrière uit te bouwen? Is dit niet de ultieme bevrijding van de vrouw van het juk van de voortplanting? De ultieme gelijkwaardigheid van man en vrouw? Ik denk dat het allemaal een stukje complexer is dan we denken. Ja, het systeem is intrinsiek nog steeds patriarchaal en vrouwonvriendelijk. Ja, de voortplanting blijft voorlopig een exclusief vrouwelijke aangelegenheid. Het tweeverdienersmodel is nu veralgemeend, en vrouwen nemen nu zowel professionele als huiselijke taken op. Maar vrouwvriendelijke maatregelen die instellingen of overheden nemen, brengen weinig zoden aan de dijk. Meisjes en vrouwen ondergaan van jongs af aan een zekere conditionering, waarbij het krijgen van kinderen als een existentiële opdracht van het vrouwzijn wordt voorgesteld. Jongens spelen met auto's en meisjes met poppen, weet je wel. Nog veel te vaak zijn vrouwen zelf niet overtuigd van het feit dat ze evenveel kansen moeten krijgen, meer nog, evenveel rechten hebben om professioneel of maatschappelijk door te groeien en deel uit te maken van alle beleidsniveaus. Of het nu in een bedrijf, een universiteit of in de politiek is, vaak aarzelen vrouwen om er echt voor te gaan. Aan de Universiteit Gent stellen we vast dat vrouwen pas doctoreren als ze expliciet gevraagd en aangemoedigd worden. Ze zijn veel minder overtuigd van hun kunnen dan mannen en moeten over de streep getrokken worden. Er is maatschappelijk nog veel werk aan de winkel opdat vrouwen en mannen echt gelijke kansen zouden krijgen, maar vrouwen moeten er zelf van overtuigd zijn dat ze die ook verdienen. Het wordt tijd dat vrouwen zich verzetten tegen de rol die hen opgedrongen wordt en het paternalistisch discours niet langer internaliseren. Dan pas kunnen we van volledige gendergelijkwaardigheid spreken.
Evenwicht of onevenwicht?
anoniem_0.jpg
Françoise Chombar
Vrouwen zijn niet gelijk aan mannen, en maar goed ook Als vrouwelijke founder in een industrie met een oververtegenwoordiging van mannen, weet ik wat het is om in de minderheid te zijn. Voeg daar een occasionele ervaring met vrouwonvriendelijkheid aan toe en je weet meteen waarom ik veelZIJdig.be wil steunen. Maar je hoort me niet pleiten voor gendergelijkheid. Mannen en vrouwen zíjn niet gelijk. We denken anders, we kijken anders naar dingen, we staan anders in het leven. Daarin schuilt precies de rijkdom. Voor mij is de uitdaging dus om een genderevenwicht te bereiken, op alle niveau’s in het bedrijfsleven. Bij Melexis willen we daar het goede voorbeeld in geven. Melexis was in 2009 het eerste - en voor lange tijd enige - Belgische beursgenoteerde bedrijf met een gelijke verdeling in de Raad van Bestuur (tov 10% gemiddelde in België). Ons bedrijf heeft geen quota nodig om te beseffen welke voordelen dat brengt. Uit onderzoek van Catalyst blijkt dat genderdiversiteit bedrijven niet alleen gelukkiger maakt, maar ook succesvoller. Om maar één cijfer te noemen: in bedrijven met meer vrouwen in het topmanagement ligt de Return on Equity maar liefst 35% hoger. Lang dachten bedrijven dat het streven naar genderevenwicht hen geld zou kosten. Socioloog Michael Kimmel – auteur van ‘Angry White Men’ - heeft daar een antwoord op: “Begin eerst maar eens te berekenen wat het onevenwicht in het bedrijf je op dit moment kost.”
Quota werken!
catherine_ongenae.png
Cathérine Ongenae
Op straffe van boetes meer vrouwen in raden van bestuur dwingen: het werkt. In 2017 gaat de wet van kracht die bepaalt dat 33 procent van de leden van bestuursraden een vrouw moet zijn. In de aanloop naar die deadline is hun aantal op zes jaar tijd verdubbeld. Dat blijkt uit een tussentijds rapport van het Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen. Vaststelling 1: Een dwingende aanpak is nodig. Vaststelling 2: We zijn nog lang niet aan die 33 procent. Hoe komt dat? In de hele discussie over vrouwen in de topregionen van politiek, administratie en economie, hoor je veel argumenten tegen die quota. 'Vrouwen willen niet'. 'We vinden geen competente vrouwen'. 'Vrouwen hebben niet zo'n goede netwerken'. Justin Trudeau, de premier van Canada, hoef je niet meer te overtuigen van het voordeel van diversiteit bij beleidsmakers. In het World Economic Forum in Davos sprak hij afgelopen week over hoe normaal gendergelijkheid eigenlijk zou moeten zijn. Trudeau wist vorig najaar als eerste regeringsleider ooit een regering samen te stellen die voor de helft uit vrouwen bestaat. Op de vraag 'waarom?', had hij een eenvoudig antwoord: 'Omdat het 2015 is'. Toch spraken de commentaren onder de nieuwsartikels boekdelen. Nooit maakten mensen zich zoveel zorgen over de kwaliteit van een regering: zouden die vrouwen dat wel kunnen? Naar vrouwen moet je niet alleen kijken, je moet hen ook willen zien. Natuurlijk kunnen ze regeren. Uiteraard willen ze dat. Maar in hun parcours botsen ze dikwijs tegen vooroordelen waardoor ze alsnog blijven steken op een plateau en niet doorstoten tot de top waar de echte beslissingen worden genomen. Vrouwen zijn nochtans net zo competent als mannen. Of moet ik zeggen: minstens zo competent? Vrouwen die op hoog professioneel niveau actief zijn, zijn al uit een bijzonder soort hout gesneden. Hun antwoord op de vooroordelen over hun competenties is dikwijls nog harder werken. Er valt niet af te dingen op hun kwalificaties. U weet wat men zegt over de actrice Ginger Rogers: ze deed ook alles wat Fred Astaire deed, maar dan achterwaarts en op hoge hielen. Vrouwen zijn taai. Dat zagen we nog maar eens toen dinsdag bleek dat er enkel vrouwelijke werknemers aanwezig waren in de Amerikaanse Senaat. Die exclusieve vrouwenvergadering was niet gepland. De vrouwelijke senatoren waren door weer en wind komen opdagen, terwijl hun mannelijke collega's de sneeuw niet wilden trotseren. 'Vrouwen zijn het gewoon hun laarzen aan te trekken, hun muts op te zetten en zich in de strijd te gooien', aldus een senator. Ze heeft gelijk. Wat dat netwerken betreft: sommige vrouwen combineren hun veeleisende job met een andere maatschappelijke rol, het moederschap. Elke werkende moeder zal beamen dat dit niet alleen organisatietalent vraagt, maar ook een degelijk netwerk dat de kinderen mee opvangt, voedt en naar hun activiteiten brengt. Vrouwen kunnen dus zeer zeker netwerken. Hoogstens moeten ze nog wat oefenen om die kwaliteit nog meer in hun werk toe te passen. Dat het moederschap een handicap kan zijn in een carrière, ook dat zullen veel vrouwen beamen. Ze voelen zich vaak gedwongen te kiezen: geen kinderen, later kinderen, eicellen invriezen, toch maar voor een zijspoor kiezen indien er kinderen komen? Die dilemma's zouden er niet mogen zijn. Waarom zou een samenleving niet aanmoedigen dat mensen - mannen, vrouwen, en iedereen die op het spectrum tussen de twee zit - meerdere rollen opnemen zonder te bezwijken of in een burn-out te belanden? En dan is er het probleem van de window dressing. We denken vaak dat vrouwen alle kansen hebben, omdat we hen zien verschijnen in de media. Niet alleen zijn dat dikwijls dezelfde vrouwen, dat wil nog niet zeggen dat er fundamenteel iets veranderd is. Verschillende organisaties zetten een vrouw in de vitrine omdat het goed is voor het imago, maar blijven achter de schermen mannenbastions. Veel vrouwen houden die illusie zelf mee in stand. Ze hebben de top bereikt, voelen zich one of the boys, en wat ze bereikt hebben, beschouwen ze als hun verdienste. Ze beweren vaak geen last te hebben gehad van discriminatie of seksisme. Misschien omdat ze geprivilegieerd zijn: wordt een meisje complexloos opgevoed en geef je haar alle kansen, dan is de kans groot dat ze een vrouw wordt die blaakt van het zelfvertrouwen en veel obstakels niet eens ziet. Of misschien omdat ze een verbond sloten met een man aan de top, zoals IMF-vrouw Christine Lagarde lang geleden deed met Nicolas Sarkozy. Flying with eagles, noemt men dat fenomeen. Het kwalijkste gevolg van die schaarste voor topjobs bij vrouwen, is dat vrouwen elkaar bestrijden als concurrenten in plaats van elkaar te helpen. Door quota in te voeren creëer je een zekere mentale rust, en gaan vrouwen elkaar bijstaan in plaats van bevechten. Dat is bijvoorbeeld wat organisaties als Straffe Madammen of JUMP doen: vrouwen bij elkaar brengen, trainingen en workshops geven, instrumenten aanreiken die van vrouwen nog betere werknemers maken. Er zijn overigens ook meetbare voordelen aan gemengde besturen. Zo werd aangetoond dat meer vrouwen in de raad van bestuur beter is voor de financiële gezondheid en de prestaties van bedrijven. Die bedrijven scoren hoger op ethisch vlak, lager in fraude en nemen ook hun sociale verantwoordelijkheid op. Vrouwen zijn bovendien vernieuwers. Zijn er maar enkelingen die hoog zijn geraakt, zul je die vrouwelijke toets niet zien, kijk maar naar het IMF, of naar onze eigen regering. Maar als quota ervoor zorgen dat er meer verschillende profielen van vrouwen doorstromen naar de top, dan is de kans groot dat niet alleen de economie, maar ook de samenleving er wel bij vaart. (Dit stuk verscheen eerder op www.deredactie.be) (foto: Carmen De Vos)
Ja-knikken en haantjes.
anoniem_0.jpg
Anoniem
Na mijn afstuderen als filmregisseur 16 jaar geleden, was er in mijn ervaring in de filmwereld wél een groot verschil tussen mannen en vrouwen voelbaar: als vrouw had je maar gewoon "ja" te knikken en te doen wat de mannen zeiden dat je moesten doen. Het "echte" belangrijke werk was voor de mannen, het "bijkomstige" werk kon door vrouwen gedaan worden. Als vrouw kon je alleen iets bereiken als je mooi was en bereid was op oneervolle voorstellen in te gaan. Vermits ik niet op mijn mond gevallen ben en een hekel heb aan deze toestanden, lag ik binnen de kortste keren met enkele van deze "haantjes" in de clinch en ben ik mijn carrière dan maar in andere branches gaan verder zetten. anonieme getuigenis van dynamische vrouw en ex-filmregisseuse
Meneer? Hoezo getrouwd?
caroline_gennez.jpg
Caroline Gennez
In één van mijn politieke levens was ik eerste schepen van de stad Mechelen. Ik was bevoegd voor onderwijs, kinderopvang en jeugd. Logisch, zeiden vele collega’s, ‘zachte’ - lees ‘typisch vrouwelijke’ - bevoegdheden. Wanneer ook mijn andere bevoegdheden, economie en energie, ter sprake kwamen, vond men dat al veel minder evident. Men vroeg zich wel eens af hoe ik al die bevoegdheden ‘gemanaged’ kreeg. Een collega, een man, wiens portefeuille nog beter gevuld was, erkende nooit die vraag te krijgen. Voor werkende vrouwen, ook buiten de politiek, ongetwijfeld herkenbaar. Soms is het een beetje triest, maar bij momenten wordt het ronduit hilarisch. Een Mechelse anekdote. Onze stad is de zetel van het Aartsbisdom, de kardinaal is zowat mijn buurman. Zijn tuin geeft uit op mijn straat. De gewaardeerde traditie wil dat het hoofd van de Belgische kerk jaarlijks alle ‘gestelde lichamen’ – van gerecht, over onderwijsverstrekkers tot de politieke overheden - uitnodigt voor een officiële nieuwjaarsreceptie op het Aartsbisschoppelijk Paleis. De kardinaal geeft een toespraak, de andere ‘overheid’ antwoordt. Bij het eerste jaar van de legislatuur was de burgemeester uitzonderlijk verontschuldigd voor de receptie met de ‘gestelde lichamen’. De eerste schepen, ondergetekende, zou dus namens het schepencollege de repliek geven op de toespraak van de kardinaal. De plichtplegingen verliepen vlekkeloos, waarna de woordvoerder van de kardinaal ‘mevrouw Somers’ dankte voor de constructieve woorden over de toekomst van onze stad. Een lapsus? Een woordvoerder kan uiteindelijk niet alle politici kennen. Maar bij de officiële begroeting feliciteerde men mij voor het vlotte spreken ‘in naam van mijn man’. Ik probeerde duidelijk te maken dat Bart Somers en ik enkel politiek getrouwd waren en dat ik sprak in naam van al mijn collega’s in het schepencollege en zelfs in naam van alle Mechelaars. Uitgebreide verontschuldigingen volgden. Ik kon er alleen maar mee lachen. Gelukkig doe ik dat graag. Soms is het een beetje triest, maar bij momenten wordt het ronduit hilarisch. Een Mechelse anekdote. Onze stad is de zetel van het Aartsbisdom, de kardinaal is zowat mijn buurman. Zijn tuin geeft uit op mijn straat. De gewaardeerde traditie wil dat het hoofd van de Belgische kerk jaarlijks alle ‘gestelde lichamen’ – van gerecht, over onderwijsverstrekkers tot de politieke overheden - uitnodigt voor een officiële nieuwjaarsreceptie op het Aartsbisschoppelijk Paleis. De kardinaal geeft een toespraak, de andere ‘overheid’ antwoordt. Bij het eerste jaar van de legislatuur was de burgemeester uitzonderlijk verontschuldigd voor de receptie met de ‘gestelde lichamen’. De eerste schepen, ondergetekende, zou dus namens het schepencollege de repliek geven op de toespraak van de kardinaal. De plichtplegingen verliepen vlekkeloos, waarna de woordvoerder van de kardinaal ‘mevrouw Somers’ dankte voor de constructieve woorden over de toekomst van onze stad. Een lapsus? Een woordvoerder kan uiteindelijk niet alle politici kennen. Maar bij de officiële begroeting feliciteerde men mij voor het vlotte spreken ‘in naam van mijn man’. Ik probeerde duidelijk te maken dat Bart Somers en ik enkel politiek getrouwd waren en dat ik sprak in naam van al mijn collega’s in het schepencollege en zelfs in naam van alle Mechelaars. Uitgebreide verontschuldigingen volgden. Ik kon er alleen maar mee lachen. Gelukkig doe ik dat graag. (foto: Jan Locus)
Zo heb ik het zien evolueren.
anoniem_0.jpg
Lea Van Gerven
Hoe ik terug kijk op de positie van de vrouw ? Ik vind dat het niet goed loopt, absoluut niet. We leven nog steeds in een mannenmaatschappij en dat wordt sterker en sterker. Het gaat de verkeerde weg op. Straf uitgedrukt he ? Ik meen het. Versta me niet verkeerd, het is goed dat vrouwen gaan werken. Zelf heb ik de kans niet gekregen en 4 dochters opgevoed zodat ze wél zouden kunnen gaan werken. Maar wat zie ik ? Vrouwen moeten het meeste presteren in het dagelijkse leven. En alhoewel er mannen zijn die mee het huishouden doen, toch zijn het meestal de vrouwen die de helse combinatie moeten doen. Ik heb de tijd van de vrouwenemancipatie meegemaakt, vrouwen die hun positie moesten afdwingen. Wel, dat is nog altijd zo. Ik denk zelfs dat de positie van vrouwen verzwakt is. Hoe dat komt volgens mij ? Vrouwen gingen werken en vochten voor rechten : zwangerschapsverlof, ouderschapsverlof enz… Maar enkel vrouwen maakten hier gebruik van, de gelijke verdeling kwam er niet. En daardoor verzwakte de positie van de vrouw terug. Ze plooien zich terug op de kinderen en de mannen gaan door. Zo heb ik het zien evolueren
Mannelijke framing.
anoniem_0.jpg
Ingrid Pira
Als oudste van vier dochters ging ik in de politiek. Mijn ouders - en zeker mijn moeder die het huishouden deed en me opvoedde zodat ik in het leven kon doen en betekenen wat ik wilde - waren heel fier. Zeker toen ik burgemeester werd. Alhoewel ik altijd respect kreeg van mijn – veelal mannelijke - collega’s in de politiek in die hoge positie, toch ondervond ik dat het vrouwelijke politici anders vergaat dan mannelijke. Vrouwelijke politici worden gewoon harder aangepakt. Staan sneller in de wind en worden er minder snel uit gezet. Onder mijn beleid werd een tram doorgetrokken, fietspaden breder gemaakt en waren er veel minder ongevallen met zwakke weggebruikers. En toch ging het altijd maar over files. Een puur mannelijke framing, zo voelde ik het aan. Soms dacht ik : “deze maatregelen waren beter door een man doorgevoerd, dan was er niet zoveel commentaar geweest”.
Follow the money
marleen_teugels.png
Marleen Teugels
Wanneer complexe dossiers op het eerste gezicht niet duidelijk zijn voor journalisten, loont het om ze vanuit een financiële hoek te bekijken. Dat gaat ook op voor vrouwenzaken. Als tiener kon ik niet begrijpen waarom er zoiets nodig was als vrouwenemancipatie. Zelf was ik opgegroeid in een gezin waar vrouwen alle kansen kregen. Toen we klein waren, stond mijn vader achter het fornuis. Hij stopte ons in bad en in bed. Mijn moeder ging uit werken. Ik hield ervan te spelen in het thuiskantoor van mijn vader. Toen ik nog niet kon lezen, staarde ik op zijn schoot naar de lettertjes in de krant. Hij nam me zelfs mee naar de kapper, zodat ik steevast rondliep met een jongenscoupe. Verder studeren was bij ons thuis voor de oudste dochter geen probleem. Zij het dat de lat danig hoog lag dat ik ooit eens een mislukte poging heb gedaan om in mijn rapport een zeven er als een negen te doen uitzien. Latijn-Grieks studeren kon niet, want dan moest ik naar school in een naburige stad, met het risico dat ik daar op woensdagmiddag op café zou gaan zitten. Communicatiewetenschappen studeren, kon ook niet, want volgens een ver familielid die toen hoofd was van de VRT-nieuwsdienst was Germaanse talen zoveel beter voor wie droomt van het journalistenvak. Groot was mijn verbazing toen op het werk de kaarten toch iets anders lagen voor vrouwen dan voor mannen. Mannelijke collega’s met minder ervaring mochten ‘baas’ spelen, omdat ze met de grote baas na de uren een glas gingen drinken. Zij kregen ook andere voordelen. Een grote Saab om in rond te toeren, bijvoorbeeld, terwijl ik het moest redden met een kleine Golf. Niet dat ik daar van wakker lag. Een auto is voor mij altijd een werkpaard geweest. Ik hoef geen auto om mijn imago op te krikken, vond ik. Mijn verbazing werd nog groter toen ik kinderen kreeg. Niet dat het fysiek lastig was. Als kerngezonde nazaat van een boerengeslacht liep alles op wieltjes. En ook de combinatie van gezin en mijn baan als adjunct-hoofdredactrice verliep vlekkeloos. Altijd kon ik beroep doen op een fantastische onthaalmoeder, een hulpvaardige poetsvrouw en de Italiaanse traiteur om de hoek. Toen ik na mijn derde zwangerschap terug aan de slag ging, kwam de koude douche. Een van de collega’s wilde graag op mijn stoel zitten en ik kon binnen het bedrijf een ander blad gaan leiden. Plots begreep ik dat vrouwen in werkelijkheid een minderheidsgroep zijn die voor hun rechten moeten opkomen. Ik was niet de enige vrouw die na haar zwangerschap plaats mocht ruimen voor concurrerende collega's. Rond me heen zag ik ook dat bazen doorgaans mannen zijn. Mannelijke bedrijfsleiders, mannelijke ministers, mannelijke premiers. Ik keek verontrust naar mijn kleine babydochter. Dit was niet de wereld die ik voor haar had gedroomd. Ze verdiende evenveel kansen als haar grote broers. Dat bijsturen, gaat niet zonder slag of stoot. Zo besef ik nu. Er zijn in de wereld immers wetmatigheden die helderder worden naarmate je als journalist door het leven gaat. Zo brengt de slagzin Follow the money ons in onderzoeksdossiers geregeld op het juiste spoor. Wanneer complexe dossiers op het eerste gezicht niet duidelijk zijn, loont het om je als journalist af te vragen hoe de financiële kant in elkaar steekt. Dat gaat ook op voor vrouwenzaken. Laat ons eerlijk zijn, het Follow the money denkspoor verklaart minstens een deel van het vrouwenprobleem. Hoe lucratief is het niet om als werkgever een deel van je medewerkers minder te hoeven betalen? Een beetje zoals het in de negentiende eeuw ging met goedkoop werkvolk in de fabrieken. Zelfs bij journalisten zijn mannen nog altijd beter betaald dan vrouwen, terwijl ze hetzelfde werk doen. Dat gaat relatief gemakkelijk, want medewerksters zijn doorgaans minder geneigd om zwaar over hun lonen te onderhandelen dan medewerkers. Ze liggen minder wakker van hoge lonen, ronkende titels, stoere bedrijfswagens, dan van de leuke werkinhoud, goede relaties met collega's, of de betere combinatie van werk en gezinsleven. Nu heeft dit mechanisme gevolgen voor de carrières van mannen en vrouwen. In koppels met kinderen gaat gewoonlijk één van de partners voor de carrière, de andere partner zorgt in grotere mate voor het gezin. Bij die keuze speelt uiteraard het loon zwaar mee. Het hoogste inkomen in de gezinnen wordt meestal verdiend door de mannen. Hierdoor komen als vanzelf meer mannen aan de top. Snel winst boeken door een deel van de bevolking minder kansen te geven, legt werkgevers op korte termijn geen windeieren. De winst blijkt helaas wel van korte duur. Werkgevers met een divers personeelsbeleid scoren beter, stel ik met genoegen vast. Dat blijkt niet alleen uit studies van Catalyst en McKinsey. Kijk ook even naar de bankencrisis, om maar een voorbeeld te noemen. Volgens IMF-topvrouw Christine Lagarde hadden we die kunnen voorkomen met meer vrouwen aan de top die minder kiezen voor snelle resultaten en meer voor duurzame langetermijnoplossingen. De duurzame langetermijnblik is volgens wetenschappers niet alleen het gevolg van opvoeding en cultuur. Herman Van den Broek (Vlerick) wees me enige tijd geleden op de impact van de vrouwelijke aanleg. Mannelijke hersenen zijn goed in het oplossen van crisissituaties op korte termijn, terwijl vrouwelijke hersenen uitblinken in langetermijnoplossingen waarbij ze rekening houden met vrienden, persoonlijke relaties, werk en situaties op langere termijn. Het gaat hier niet om beter of slechter, maar gewoon om een andere manier van informatie verwerken. Voor dat fenomeen zijn er volgens Van den Broeck neurologische verklaringen. In vrouwelijke hersenen is de verbinding tussen de twee hersenhelften omvattender. Ze hebben, als het ware, een grotere kabel voor datatransmissie. Tijdens het 'webdenken' worden problemen door de twee hersenhelften verwerkt en bewerkt. Het vrouwelijke denken houdt daarom met een hoop parameters rekening om oplossingen te kiezen. Beslissingen worden op langere termijn bekeken, voor een bredere groep factoren, inclusief duurzame normen en waarden. Mannelijke hersenen concentreren zich op een probleem en gaan dat gericht oplossen. Met dit ‘tunneldenken’ lossen mannelijke hersenen problemen een voor een in de linkerhersenhelft op. Oplossingen zijn hierdoor minder breed toepasbaar dan de oplossingen van vrouwelijke hersenen. Enige nuance is hier wel op zijn plaats. Er zijn vrouwen met mannelijke hersenen, zoals Margaret Thatcher, en mannen met vrouwelijke hersenen. Als we niet overtuigd zijn van de kracht van evenredig samengestelde managementteams en radicaal het tij keren, duurt het volgens wetenschappers nog wel honderd jaar vooraleer onze meisjes evenveel kansen krijgen als de jongens. Daar heb ik geen tijd voor. Deze zomer wordt mijn dochter achttien.
Plus est en vous, mais...
anoniem_0.jpg
Betty Vermeir
Ik ben een gescheiden vrouw van bijna 70 jaar met een dochter en een zoon en ook 6 kleinkinderen. Als romaniste heb ik eerst lesgegeven in Dendermonde van 1968 tot 1992 en de laatste 10 jaar in de Hogeschool Gent. In Dendermonde ben ik op de loop gegaan voor een omhooggevallen technisch ingenieur die werd gelijkgesteld met een licentiate en zo directeur kon worden. Een macho en opportunist die erin geslaagd is een fantastische technische school naar het beroepsonderwijs af te zwakken door allerlei louche praktijken, zijn persoonlijke kennissen te favoriseren bij het toekennen van jobs, enz. In Gent liep ik echter “van de klaveren naar de biezen” want daar zwaaide een groepje mannelijke collega’s de plak. Ik ben geen meelopertje maar integendeel iemand die integriteit hoog in het vaandel draagt. Ik verzette me tegen vriendjespolitiek en machtsmisbruik, wat me niet in dank werd afgenomen en me bijna mijn job kostte bij de fusie van de Gentse Hogescholen. En hier kwamen echte wanpraktijken aan te pas zoals foutieve gegevens in mijn dossier inbrengen ten voordele van een jongere, volgzame collega met daarenboven een diploma HSO van het katholieke net en een diploma Romaanse Filologie van Leuven. Uiteindelijk kon ik blijven dank zij het kordate optreden van een syndicaal afgevaardigde die de directie verplichtte het bedrog onmiddellijk recht te zetten wat ook gebeurde. Mijn kinderen voedde ik nagenoeg alléén op , ook tijdens de 17 jaar huwelijksleven, want mijn echtgenoot maakte carrière en verbleef vaak in het buitenland. Ik poetste, onderhield de tuin, deed handwerk, was behanger, schilder, en handig met de naaimachine. Ook de keuken was mijn exclusief terrein. En toch kreeg ik regelmatig smalende opmerkingen over dat “onnozele schooltje” en “dat belachelijke loon”. Drankmisbruik maakte mijn leven met hem tot een hel en dus vertrok ik met de kinderen. Hij betaalde weliswaar alimentatie, voor hem fiscaal aftrekbaar voor 80 %, waardoor ik op een bepaald ogenblik 300.000 BEF moest terugstorten aan de fiscus, want voor mijn loon waren ze ten mijnen laste, maar niet voor de fiscus. Weer een slimme zet van die kei in wiskunde tegenover een naïeve mama die hoegenaamd niet in geld geïnteresseerd was maar wel een gezin moest onderhouden met hoger onderwijsstudenten. Een daaropvolgende relatie betekende voor mij de man van mijn leven, maar dat was niet wederzijds: ik wilde een nieuwe start, hij was eerder een affectieve parasiet met een verstikkende, jaloerse echtgenote, en hij maakte me direct duidelijk dat er geen sprake was van een echtelijke breuk voor hem. Toch duurde die relatie verschillende jaren, ik altijd wachtend, hij genietend van een gratis maal en seks tijdens enkele gestolen uren. Hij was welkom op 2 adressen, ik ging kapot van verdriet. Dus zette ik hier ook een punt achter: mijn ex-lief/collega trapte duchtig na. 2 mannen die het bed met mij gedeeld hebben, 2 x verdriet en vernederingen. Dus bleef ik alléén maar niet eenzaam, met mijn kinderen, kleinkinderen, collega’s, vrienden, buren, tennisvrienden, honden en katten, maar vooral mijn logezusters en broeders. “Plus est en vous” maar je moet het wel zelf vinden en ontwikkelen.
Frontvrouw in de muziekwereld.
inne_eysermans_2.png
Inne Eysermans: frontvrouw Amatorski
Het is zes jaar geleden dat Amatorski haar eerste EP uitbracht. Voordat de groep Amatorski bestond had ik al wat nummers geschreven, gearrangeerd en opgenomen die dankzij de groep verschenen zijn, zoals drie van de vier nummers oorspronkelijk in mijn slaapkamer werden opgenomen. Come Home is daar een voorbeeld van. Ik koos toen 'de groep' als het gezicht van Amatorski, omdat we destijds samen verder demo's hebben uitgewerkt en uitgedacht om ze live te brengen. Daar kwam 'TBC' uit, een combinatie van nummers die we samen hebben opgenomen en andere die ik thuis zelf opnam. Met het laatste album 'From clay to figures' heb ik meer nauw samengewerkt met groepslid Sebastiaan Van den Branden. Dit om even te kaderen hoe een werkproces zichzelf kneedt en open staat voor welke samenwerking dan ook die nodig is voor het aangebrachte materiaal. Naast het werkproces horen interviews. Goed geïnformeerde journalisten hebben voeling met een proces, of hoe dat er binnen een groep kan uitzien. Daarnaast zijn er journalisten die hun verhaal zoeken in wat ze ongeveer weten over een groep en zich baseren op wat er gezegd wordt tijdens het interview. Tussen deze twee verschillende journalisten blijkt er een groot verschil te zitten in hoe ze een groep benaderen, zeker als die groep tijdens een interview door meerdere muzikanten (mannen en een vrouw) vertegenwoordigd wordt. Bij de ene journalist wordt mijn werk bij het schrijven, arrangeren en opnemen gerespecteerd - bij de andere wordt die verwaarloosd of ontkend. Na een aantal jaren heb ik pas dat inzicht gekregen en heb ik ook gemerkt dat het een groep (in die vaak voorkomende situaties) onder druk zet, omdat ik of iemand anders het moet rechtzetten en omdat zo'n niet-geïnformeerde kijk frustreert terwijl dat zo een uit verhouding getrokken positie niet voorkwam tijdens het werkproces. Het is al gebeurd dat een ander groepslid het brein achter Amatorski werd genoemd, of vaker dat het hoofd van de journalist wegdraait van de zangeres als er een vraag over sound gaat. Waarop is dat gebaseerd? Ik kan ook zien hoe mensen Amatorski benaderen, en dat is vaker naar de mannelijke muzikanten. Ook techniekers zullen eerder hen aanspreken dan mij. De meerderheid kijkt naar jou als 'zangeres' terwijl dat voor mij destijds de enige oplossing was om op te nemen. Ik heb me nooit als een zangeres gezien en dat uit zich ook in de muziek die Amatorski produceert, denk ik (als telkens een nieuw klein experiment). Ik heb veel meer interesse in nummers en geluid. Maar ik merkte een tendens, die zegt dat naast die zangeres muzikanten staan, "die de sound bepalen". Uiteraard bepalen zij de sound ook (en dat zal ik altijd met respect bewijzen), maar wat me minder zint is dat vrouwen daar vaak in uitgeschakeld worden of geen credit krijgen als ze daar ook verschrikkelijk graag en hard aan werken. Dat bewijzen ook interviews met internationale artiesten met gelijksoortige verhalen: BJÖRK: "Even after 30 years in the industry and tons of critical acclaim, Björk said many people still assume male producers did all the work on her latest album. "For example, I did 80 percent of the beats on 'Vespertine' and it took me three years to work on that album, because it was all microbeats -- it was like doing a huge embroidery piece," she said. "Matmos came in the last two weeks and added percussion on top of the songs, but they didn’t do any of the main parts, and they are credited everywhere as having done the whole album. [Matmos’] Drew [Daniel] is a close friend of mine, and in every single interview he did, he corrected it. And they don’t even listen to him. It really is strange." BJÖRK over het laatste album van Kanye West: "With the last album he did, he got all the best beat-makers on the planet at the time to make beats for him. A lot of the time, he wasn’t even there. Yet no one would question his authorship for a second." GRIMES: “I can’t use an outside engineer,” she says. “Because, if I use an engineer, then people start being, like, ‘Oh! That guy just did it all.' ” Beneath the surface of Boucher’s love of pop lies a political critique. “It’s a mostly male perspective—you’re mostly hearing male voices run through female performers,” she says. “I think some really good art comes of it, but it’s just, like, half the population is not really being heard.” Het bewijst dat mannen en vrouwen anders benaderd worden in de muzieksector. Historisch gezien was componeren, arrangeren en later producen vooral een mannenzaak. Statistisch waren er heel weinig vrouwen aanwezig, dan wel meer in de rol als zangeres. Die idee is nog steeds niet verdwenen, het is zelfs vaak eerder uitgegroeid tot een onbeweeglijk gegeven in perceptie. Ondertussen zijn er internationaal meer vrouwen aan het werk in de muzieksector en worden de oude rolpatronen en onze perceptie meer in vraag gesteld. Het grote deel van onze muzieksector wil die vraag niet horen en lijkt seksisme liever te ontkennen (zie de laatste rel die er ontstond rond Charlotte De Witte). België hinkt internationaal achterop in de verhouding tussen vrouwelijke en mannelijke artiesten op festivals. Om nog niets gezegd te hebben over hoe vrouwelijke artiesten aanwezig zijn in de jaarlijkse lijstjes van de muzieksector (MIA's): zelden worden ze vermeld als componist. De Sabam Awards van vorig jaar liegen er ook niet om: binnen muziek was er maar 1 vrouw op 15 te vinden over categorieën die gaan van pop, elektronische muziek tot hedendaags klassiek. Er zijn daarentegen (niet-Belgische) media en festivals die wel in het bewustzijn stappen en voor respect werken, naar een evenwicht streven in aandacht tussen vrouwelijke en mannelijke artiesten. Muziekbladen als The Wire (UK) en Electronic Beats (DE) bewijzen dat gelijkwaardigheid kan. CTM Festival in Berlijn wil bijvoorbeeld ook meer genderbewustzijn in hun programmatie. Vrouwelijke artiesten hebben dringend een gelijkwaardige benadering nodig, als ze hetzelfde doen als hun mannelijke collega's. Daar moeten media (radio, televisie en geschreven pers), programmatie in festivals, (muziek)scholen, mannen en vrouwen toe bijdragen. http://www.huffingtonpost.com/2015/01/22/bjork-sexism-in-music-industry-pitchfork-interview_n_6523700.htmlhttp://www.newyorker.com/magazine/2015/09/28/pop-for-misfitshttps://femalepressure.wordpress.com/facts-survey2015/ http://focus.knack.be/entertainment/muziek/opvallend-weinig-vrouwen-op-de-belgische-festivalpodia/article-normal-539195.htmlhttp://www.sabam.be/nl/sabam/sabam-awards-and-nominees-are
Kleur-rijk
anoniem_0.jpg
Kristien Renckens van Kleur-Rijk
“Ik ben 18 jaar samen met een man uit een ‘ver land’, laten we hem ‘buitenlandse man’ noemen, want eigenlijk doet de achtergrond er niet toe. Zoals zo vaak bij discriminatie kan ik mijn verhaal niet hard maken, maar toch zijn er een aantal zaken die me opvallen. Een Belgische vrouw die huwt met een buitenlandse man, ho maar.. Kon die man geen vrouw van zijn eigen volk kiezen? Moest hij nu ook nog een van onze vrouwen afpakken? Het zal zeker wel een domme vrouw zijn of ze zal zich laten misleiden hebben. Of erger nog: Ze zal wel zo’n dik geval zijn waarop die mannen kicken. Ze zal wel dom of naïef zijn en alles geloven wat hij haar wijs maakt of belooft. Die vrouw kan niet beter krijgen. Ze duikt zeker wel met iedereen in bed. Ook mensen die dicht bij me staan lieten duidelijk verstaan dat ik me liet gebruiken ‘voor de papieren’ of ‘voor mijn geld’. Na 18 jaar krijg ik nog steeds denigrerende blikken, niet mis te verstane, smalende glimlachjes en vragen die misplaatst zijn zoals ‘werkt hij?’ of ‘heeft hij gestudeerd?’. Of erger nog: Hij is zeker wel goed in bed. Gek toch, bij een Belgische man die huwt met een Oosterse, Zuid-Amerikaanse of Afrikaanse vrouw worden hele andere dingen gedacht. De man zal de leiding nemen, zij zal wel luisteren en volgen. Het zal zeker wel een aantrekkelijke of exotische vrouw zijn waarvoor die man kiest. En of zij gestudeerd heeft of werkt? Dat doet minder ter zake. Hij zal wel voor haar zorgen. Laatst nog voelde ik woede opborrelen. De vele -vooral mannelijke- vluchtelingen zouden ons, vrouwen, komen verleiden en afpakken. Heeft al ooit iemand erbij stil gestaan dat vrouwen echt wel ‘mans’ genoeg zijn om zelf hun partner te kiezen of af te wijzen en dat ze zich echt niet zomaar laat inpakken? in naam van Kleur-rijk Het zou mooi zijn als we als man en vrouw op een evenwaardige manier benaderd en beschreven worden, ook in biculturele/binationale relaties.”
CE QUE FEMME VEUT DIEU LE VEUT
dorian.png
Dorian van der Brempt
Feminist, dat probeer ik al heel mijn leven te zijn. Misschien heb ik geluk gehad maar sinds ik bewust rondkijk en luister heb ik in zeer verschillende omstandigheden bijzonder sterke en wijze vrouwen leren kennen. Mijn moeder werd 99 en het was een privilegie dat ik bij haar mocht zijn toen ze stierf. Zij was geen feminist - au contraire - zij is tot haar laatste snik pratikerend franskiljon en masculinist (neologisme voor de gelegenheid) gebleven. Toen ik acht jaar geleden vijf overbruggingen kreeg was het niet de open hart operatie die haar zorgen baarde maar wel het feit dat ik Inez Rodrigus als neurochirurg had gekozen. Ik heb niet verteld dat ook de anesthesist een vrouw was maar dat was niet mijn keuze, maar de keuze van de hartchirurg. Nicole Van Goethem is de merkwaardigste vrouw die ik heb ontmoet. Nadat ze voor haar animatiefilm 'Een Griekse Tragedie' een Oscar kreeg voor Short Animation heb ik met haar een tentoonstelling gemaakt, 'Drawing the Film'. Samen met Ben Vauthier werd dit de openingstentoonstelling van het MUHKA bijna dertig jaar geleden. Nicole had een fantastische zin voor humor die ze ons nalaat in een twintigtal minuten animatiefilm. Zowel de kariathiden als de nonnen uit 'Vol van gratie' zijn heerlijke portretten van sterke, grappige en zeer vindingrijke vrouwen. Nicole heeft zich altijd ingezet voor de vrouwenzaak, maar ze heeft dit vooral met humor en vastberadenheid gedaan. Sinds Nicole er niet meer is voel ik op elke Vrouwendag een gemis. In 1969 deed ik in A'dam een vakantiejob in het (toen nog) Belgisch Verkeersbureau op het Leidse Plein en in de VVV Amstelveen. Daar was mijn directrice Viviane Klein, een Nederlandse dame van 23 met Indische roots die heel streng was en zeer gefocust op alle details van de job. Ik leerde een uitstekende manager kennen en sinds Amsterdam heb ik altijd graag met vrouwen gewerkt. Mijn vrouw, drie dochters en drie kleindochters maken dat vrouwen in de familie steeds numeriek in de meerderheid zijn. Met Oscar, mijn enige kleinzoon, hebben wij soms mannenbedenkingen maar ook in hem zie ik een grote feministische potentie. Zo gaf hij mij onlangs ruiterlijk toe dat Jana wel degelijk de slimste van zijn klas is. Onlangs heb ik voorgesteld om van Oostende een feministische stad te maken. De eerste in dit land maar daarom niet de laatste. Met feministische stad bedoel ik een stad waar zoveel mogelijk vrouwelijke accenten worden gelegd, een stad waar bij elke beleidsbeslissing wordt nagedacht over effecten die specifiek door vrouwen zullen gevoeld of ervaren worden. Ik wil vrouwen ook een grotere stem geven in de organisatie en het ontwerpen van de publieke ruimte, veel te lang een exclusieve mannenzaak. Tot slot wil ik een pleidooi houden voor meer feministische mannen. Justin Trudeau, die Canadese premier, kreeg onlangs van zijn vrouw de raad om hun zonen ook goed te leren omgaan met meisjes. Vaders hebben ook de taak om hun zonen te initiëren in het mooiste verschil van de schepping. Het leven zou toch een stuk saaier zijn moesten wij allemaal hermafrodiet zijn.
Kleine dingen blijven soms knagen.
ingejooris_2.jpg
Inge Jooris
Voor ik begon aan mijn carrière was ik me weinig bewust van de man-vrouw ongelijkheid in onze samenleving. Mijn moeder was een sterke vrouw en mijn vader volgde haar graag. Ook op de universiteitsbanken heb ik daar niet veel van gemerkt. Jongen, meisje, man, vrouw, we hadden allemaal evenveel plezier en stonden vol goesting te trappelen om aan het echte leven te beginnen. Bijgevolg kwamen de eerste signalen die ik vanuit het professionele leven ontving, niet echt aan. ‘Je bent jong, je ziet er goed uit, je mag beginnen,’ zei een CEO toen ik bij hem solliciteerde voor een job. Toen ik als jonge vrouw de rechterhand werd van een andere CEO, gonsde het door de gangen van mijn werk: ‘Die doet het met onze grote baas.’ Het duurde een tijdje voor ik doorhad waarom sommige mensen zo raar keken als ik door de gangen van de dienst wandelde, tot een collega het me vertelde. Maar ik kon het naast me neerleggen en ik ging door. Verderop in mijn carrière ben ik nog vaker geconfronteerd met van die kleine, subtiele, zelden venijnige, soms eerder tongue-in-cheek opmerkingen, die volgens mij ook soms gewoon als test werden ingezet. Op sommigen heb ik overdreven gereageerd (het is niet altijd duidelijk wanneer het om een grapje gaat), en andere dingen heb ik helaas laten passeren (te vaak als ik twee mannen hoorde denigrerend praten over een collega achter haar rug en ik niet de energie had om te zeggen: Djezus, en wie zijn jullie om zoiets te zeggen). Ik moet toegeven dat die kleine dingen soms aan mij bleven knagen, mijn zelfvertrouwen aantastten maar er ook voor zorgden dat ik soms minder goesting had in mijn job. Het is niet altijd plezant om tegen vooroordelen op te boksen of deel uit te maken van een groep waarvan je nooit helemaal zeker weet: als ik mijn rug draai, beginnen ze dan ook zo over mij? En ik zag die vertwijfeling soms ook bij andere vrouwelijke collega’s. Zo worden vrouwen tijdens vergaderingen vaak minder serieus genomen worden, er wordt al eens sneller met de ogen gedraaid, ... Sinds ik dat mechanisme doorheb, zal ik nooit nog een vrouw afvallen tijdens vergaderingen. Ik heb geleerd van mannen, hoe ze elkaar gemakkelijker onderling bevestigen en het zou een goede zaak zijn als vrouwen dat ook vaker doen. Ik heb het privilege gehad, en nog steeds, om voor een aantal zeer open-minded, interessante mannen te mogen werken die ook volledige gelijkheid willen maar ik ben daardoor niet blind voor wat er om mij heen gebeurt. Je hoeft het zonlicht niet te ontkennen met cijfers die zo straf zijn als: de helft van de Belgische directies bestaan enkel uit mannen, drie op de vier vrouwen ervaren problemen op de werkvloer als ze zwanger zijn, vrouwen besteden nog altijd gemiddeld 10 uur per week meer aan het gezinsleven …. Het klopt dat mannen en vrouwen biologisch verschillend zijn en voor een deel andere interesses hebben (dat verschil is er ook tussen mannen onderling) maar wat ze wel delen, is dat beiden ambitieus zijn en een veelzijdig leven willen.
Een quote
anoniem_0.jpg
Anne Provoost
Vrouwen bewonderen mannen én vrouwen: ze discrimineren niet als ze zich aan iemand spiegelen. Maar als een man bewondert, dan noemt hij vooral heel veel mannen - én zijn moeder. En haar bewondert hij niet om de boeken die ze heeft geschreven, maar omdat ze goed voor hem heeft gezorgd
Strijd tegen vooroordelen
anoniem_0.jpg
Bart Eeckhout
Man en vrouw zijn gelijkwaardig - wie dat nog durft te betwijfelen kan een enkeltje naar Raqqa krijgen. Toch blijft er een grote genderkloof gapen op de werkvloer. Hoe komt dat toch? Het is een lastige week op het werk. Dochterlief is wat ziekjes geweest en moet nog medicijnen nemen. Omdat de school begrijpelijkerwijs niet het risico kan nemen iets verkeerd toe te dienen, moet één van de ouders elke middag op het lunchuur naar school om zelf de pipet in de mond te stoppen. Wie gaat die taak op zich nemen? Doe de test gerust even voor uzelf, en de kans is groot dat u - man of vrouw, progressief of conservatief - onwillekeurig antwoordt: de moeder, natuurlijk. Dát is de kern van de zo moeilijk te overbruggen genderkloof op de werkvloer. Met de nieuwe campagne #tisnietoké wil de vrouwenorganisatie veelZIJdig de aandacht vestigen op de hardnekkigheid van de verschillen, ondanks jaren van sensibilisering en wettelijke verfijning. Hoe komt het toch dat elk jaar hetzelfde punt dient gemaakt te worden over vrouwen die minder verdienen in een gelijkwaardige baan, minder in aanmerking komen voor een topjob of sneller de carrière op een lager pitje zetten? Het antwoord zit verscholen in het anekdotische voorbeeld van de zieke dochter. Als er thuis wat loos is, kijken we bijna allemaal in de eerste plaats nog altijd naar moeder-de-vrouw. De genderkloof op het werk is vooral een zorgkloof. Meer dan het vaderschap bij de man, zit het moederschap bij vrouwen een carrière in de weg. Dat moederschap behalve een groot persoonlijk geluk ook een flinke hinderpaal kan zijn voor vrouwen met professionele ambitie, is niet bepaald een nieuw inzicht. We weten dit allang, en we nemen ons plechtig voor om die hindernissen uit de weg te ruimen. Toch blijft de kloof maar gapen. Dit is allang geen kwestie meer van openlijke discriminatie of machistische dominantie. Het is een mentale kwestie, die man en vrouw treft: we vinden het nog altijd (te) normaal dat het de vrouw/moeder is die het offer moet brengen om werk en gezin gecombineerd te krijgen. Een paradox dringt zich zelfs op: hoe meer voorzieningen getroffen worden om werk en leven wat beter in balans te houden, hoe meer vrouwen een genderhandicap riskeren. Zij zijn het immers die in meerderheid van die voorzieningen gebruikmaken. Van alle arbeidsplaatsen die, over alle mogelijke stelsels heen, deeltijds ingevuld worden, nemen vrouwen meer dan tweederde in (188.000 vrouwen tegenover 88.000 mannen in 2014). Bij het specifieke ouderschapsverlof is die kloof nog breder: 52.000 vrouwen maakten er in 2014 gebruik van, tegenover 21.000 mannen. Die cijfers buigen over de jaren heen wel naar elkaar toe, maar die evolutie gaat tergend traag. Vroedvrouw, kleuterjuf Dat komt, stelt Iris Bohnet in haar boek What Works: Gender Equality by Design, omdat we er onbewust van overtuigd zijn dat het ook zo hoort. Bohnet is professor gedragseconomie in Harvard, waar ze het Women and Public Policy Program leidt, dat nagaat welke beleidsstrategieën werken om vrouwen werkelijk een gelijkwaardige plek te geven. Goedbedoelde sensibiliseringscampagnes volstaan niet, luidt haar besluit, waarover de Financial Times afgelopen weekend berichtte. Ze kunnen een individu wel doen voornemen om wat beter op te letten, maar de maatschappelijke stereotypering is te sterk om de vooroordelen weg te werken. "Mensen willen dingen en mensen in categorieën stoppen, die we dan gebruiken als basis voor onze oordelen", legt professor Bohnet uit in een interview voor het alternatieve festival South by SouthWest, waar ze volgende maand op de affiche staat. "Stereotypen zijn vuistregels die ons helpen om snel te oordelen, zonder nadenken. Maar ze zetten ons vaak op een dwaalspoor. Dit gebeurt allemaal nogal onbewust, wat het wegwerken van vooroordelen in de geest zo lastig maakt." We kunnen dus nog lang campagnes verzinnen om werkende vaders een gelijkwaardige gezinsverantwoordelijkheid op te laten nemen, toch haalt het allemaal weinig uit, zolang de maatschappelijke stereotypen overeind blijven. Kijk maar even na wie, buiten het gezin, in onze gelijkwaardige samenleving de kinderen verzorgt. Achtereenvolgens zijn dat de vroedvrouw, de verpleegster, de kraamhulp, de lieve mevrouw van Kind & Gezin, de kinderverzorgster en de kleuterjuf. Dat zijn, op een enkele spreekwoordelijke uitzondering na, allemaal vrouwen. Vind je het dan gek dat we, ondanks alle goede voornemens, toch telkens weer eerst naar de moeder kijken als een kind moet worden bijgestaan, tijdens de werkuren? Achter het scherm Het gaat dus nog altijd om die dekselse 'rollenpatronen' - kent u ze nog uit de hoogdagen van de feministische emancipatie? Wordt dit dan weer zo'n zuur, aanklagerig stukje? Hoeft niet, zegt Iris Bohnet. In haar boek What Works geeft ze voorbeelden van strategieën die effectief werken om de kloof te dichten. Het in de orkestwereld hardnekkige vooroordeel dat vrouwen 'anders' musiceren dan mannen, kon uit de wereld geholpen worden door sollicitanten achter een scherm te laten spelen. Sindsdien, op voet van absolute, neutrale gelijkheid, worden veel meer vrouwen aangenomen. Luidens de cijfers van Bohnet maakten vrouwen in de jaren zeventig nog maar 10 procent van de orkesten uit. Vandaag, dankzij de schermen, is dat al meer dan 40 procent. Straks kunnen de doeken weer weg, voorspelt ze, want niemand zal nog het onbewuste verband tussen musicus en man leggen. Werkvloeren die nog te mannelijk (of te blank) zijn, kunnen hun voordeel doen met een variant op de neutrale, 'blinde' sollicitatie, suggereert Bonnet. Ook bij de verloning zouden objectievere, blinde criteria kunnen worden gevonden, zodat een vrouw die eist evenveel te verdienen als haar mannelijke evenknie niet scheef wordt bekeken als inhalig of verwend. Vooroordelen spelen immers ook vrouwen parten met een carrière maar zonder kindergeluk. Dat er geen mannelijk equivalent bestaat voor het woord 'carrièrevrouw' zegt alles. Vrouwen in een hoge positie moeten zich sneller verantwoorden voor dominant gedrag. Een vrouw die baas is, is sneller een 'bitch', drijft ze haar wil door, is ze 'hysterisch', en maakt ze ruzie, dan is ze een 'sacochenvechter'. Dat zal pas veranderen als een vrouw in het directiecomité geen verplicht nummer meer is, maar doodgewoon een kwestie van evenveel talent. Dat kán pas veranderen als mannen en vrouwen dezelfde rechten (of plichten, afhankelijk van het standpunt) krijgen om werk en gezin te combineren. Zo deed Google het. Toen ze merkten dat niet zozeer vrouwen uit kaderfuncties wegvielen, maar wel jonge ouders (en dus veel moeders, maar ook wel vaders), hebben ze hun ouderschapsverlofregeling genereuzer gemaakt. Probleem opgelost. Terug naar de zieke dochter. De anekdote is uit het/mijn leven gegrepen. En, niet dat we er speciaal trots op moeten zijn, in dit geval was het wel degelijk de vader die 's ochtends thuis bleef werken om present te kunnen zijn op school. Niet uit principe, maar omdat mijn ochtendlijke vergaderingen makkelijker te verschuiven waren dan die van de moeder, werkzaam op dezelfde werkvloer met een gelijkaardige verantwoordelijkheid. Of ik dan "een nieuwe man" ben, wou vrouwenbeweging Femma onlangs nog weten over de gelijke rolverdeling in de opvoeding die we thuis, met veel vallen en opstaan, proberen na te streven. Welneen, ga weg, zeg, we doen allemaal wat we kunnen. Maar is het, achteraf bekeken, niet veelzeggend dat zelfs de vrouwenbeweging iets als uitzonderlijks begroet wat eigenlijk doodnormaal zou moeten zijn? Zo hardnekkig kunnen stereotypen zijn. (eerder verschenen in de krant De Morgen op 17/02/2016)
ouderschapsverlof, dat is toch niets voor mannen
anoniem_0.jpg
Vader van 3 kinderen
P. werkt als technisch geschoolde werknemer voor een kleine onderneming. Net als zijn vrouw werkt hij voltijds. Ze hebben samen drie kleine kinderen. Samen kiezen ze ervoor om wat minder te gaan werken voor de kinderen. Ze besluiten om alletwee 1/5de ouderschapsverlof aan te vragen en op te nemen. Ze willen dat elk op een andere dag in de week doen zodat ze de opvang van de kinderen voor en na school beter geregeld krijgen. Ouderschapsverlof is een recht en zowel P. als zijn vrouw vragen het elk aan op hun werk. P. is zo beleefd om het eerst informeel aan zijn werkgever voor te leggen zodat ze samen –hoopt hij- de meeste geschikte dag in de week kunnen kiezen. De werkgever reageert eerst niet op de vraag. Als de vrouw van P. aandringt op een antwoord en erop wijst dat ouderschapsverlof een recht is, beslist de werkgever dat hij “daar niet aan kan beginnen”, want “wat als iedereen zo begint” en “dat dat toch niets voor mannen is”. P. krijgt daarop prompt zijn ontslag (met de wettelijke opzegvergoeding). Omdat hij de vraag naar ouderschapsverlof nog niet formeel heeft ingediend, is hij nog niet beschermd tegen ontslag. Als technisch sterk geschoolde werknemer vindt P. gelukkig snel terug werk, maar het ouderschapsverlof kan hij op zijn buik schrijven, want daar heb je het eerste jaar geen meer op als je ergens nieuw begint. En zo komt het ouderschapsverlof terug volledig bij de vrouw van P. terecht.
ouderschap wordt maatschappelijk gereduceerd tot moederschap
anoniem_0.jpg
Kristel Wildiers
Wat ik nog steeds niet begrijp is dat als er twee mensen nodig zijn voor het verwekken van een kind: een vrouw én een man, dit leidt tot een ongelijke maatschappelijke behandeling. Mannen willen zo graag vader zijn. Maar maatschappelijk (en vooral op het gebied van werk) telt alleen het moederschap. Dit in alle stadia van een carrière: aanwerving, toegang tot interessante projecten, promotie. Vrouw zijn staat voor veel bedrijfsleiders of teamleiders gelijk aan economisch minder productief zijn omdat het geassocieerd wordt met moederschap. Laten we moeder-vaderschap als term verlaten en spreken over ouderschap: beide partijen hebben evenveel rechten en plichten: het is niet omdat de vrouw biologisch het kind draagt en op de wereld zet , dat ze hiervoor maatschappelijk gediscrimineerd moet worden . Als een man zo graag vader wil worden, dan moet hij daar ook de 'gevolgen' op arbeidsvlak dragen: even lang afwezig zijn als de moeder, tijdens zijn actieve periode in tijden van nood beschikbaar zijn voor de kinderen. Dus aan alle verkozen vertegenwoordigers: maak werk van een gelijke behandeling van mannen als het op hun ouderschap aankomt: dan zullen een aantal barrières voor vrouwen op arbeidsvlak snel wegvallen.
Seksisme tijdens mijn job
anoniem_0.jpg
Karolien Deman
Ik ben werkzaam als fotografe en gisteren kon ik tijdens een fotoreportage de ongelijkheid tussen man en vrouw haarscherp ervaren. Een clubje kapitaalkrachtige mannen moest één voor één gefotografeerd worden + groepsfoto voor op hun website. Al doende vlogen de seksistische opmerkingen langs mij heen. Van dat ik mijn borsten zou tonen tijdens het fotograferen tot de vraag of ik ook 'thuis ontving'. Ik deed mijn werk, negeerde hun opmerkingen en lachte ze weg. Het ging mij vooral om het behalen van sterke resultaten, maar voelde mij in de positie van het duidelijk 'zwakkere geslacht' toch niet helemaal gewaardeerd noch gerespecteerd. Een mannelijke fotograaf zou ongetwijfeld anders behandeld worden. Op zich is het geen drama, het bleef gelukkig bij verbale opmerkingen. Maar het toont wel aan dat de ongelijkheid nog sterk aanwezig is. De bijkomende vraag is ook: waarom zaten er geen vrouwen in dat clubje? Ik concludeer dat deze scheiding der seksen nog stamt uit een vervlogen tijdperk en dat het hoog tijd is om dit te herzien.
Heft in eigen handen nemen
anoniem_0.jpg
Myriam Van Varenbergh
‘Nu reeds een aantal jaren stellen we vast dat er een totale vervrouwelijking is van de advocatuur in het ganse land. Dit werd voorafgegaan door het fenomeen dat ook de rechtenstudies gedomineerd werden door de vrouwelijke studenten. Echter blijft het opvallend dat wanneer we kijken naar het aantal associés in de (grote)advocatenkantoren het aantal vrouwelijke vennoten bedroevend laag is. Dit komt misschien ook omdat er een algemene beeld bestaat dat vrouwen zich meer bezighouden met de zogenaamde softe sectoren zoals o.a. familierecht en jeugdrecht. Echter is de realiteit totaal anders: heel wat vrouwelijke advocaten houden zich quasi uitsluitend bezig met het zogenaamde zakenrecht in al zijn facetten wat echter niet altijd vertaald wordt in een zichtbare positie binnen het advocatenkantoor. De redenen zij velerlei: vaak is het zo dat vrouwen op een bepaald ogenblik meer tijd willen te besteden aan hun gezin wat als negatief ervaren wordt terwijl hun mannelijke collega’s zogezegd meer uren presteren maar waarbij men voorbijgaat aan het feit dat daar heel wat ‘representatieve taken’ inzitten Niettemin is het positief vast te stellen dat een aantal vrouwelijke advocaten initiatief genomen hebben om als een vorm van coach op te treden voor hun jongere collega’s zodat deze meer kansen grijpen en meer op hun strepen staan en we aldus hopelijk binnen enkel jaren zullen kunnen vatstellen dat de samenstelling van de advocatenkantoren in al hun geledingen een juiste weergave zijn van het aantal mannen en vrouwen aan de balie. Women in law and leaderschip (WILL) is derhalve een toe te juichen initiatief en is nogmaals het bewijs dat klagen niet helpt maar wel het heft in eigen handen te nemen.’
Aanspreektitel
boefjes01.jpg
Bart
Het zit 'm soms in de details. De nieuwe directeur (v) op het bedrijf waar ik werk werd vanaf dag één door iedereen met de voornaam aangesproken, terwijl geen haar op ieders hoofd eraan zou gedacht hebben de twee vorige directeuren (m) anders dan met 'Mijnheer (achternaam)' aan te spreken.
Een uitstervend ras
anoniem_0.jpg
Jozefien Daelemans
Vervelende seksistische opmerkingen, where to begin? Als jonge twintiger in de leraarskamer iets zeggen over de geur van koffie en meteen een "grap" toegeslingerd krijgen over je seksuele voorkeuren (begrijpe wie kan). Op een event als spreker het woord 'goesting' gebruiken, en een man iets dubbelzinnigs horen roepen waarna de hele zaal, waarvan 90% mannen, in lachen uitbarst. Of laatst op Het Groot Ondernemersontbijt in Antwerpen (weer 90% mannen) aanschuiven aan een tafeltje bij enkele mannen op leeftijd en gevraagd worden of we de serveersters zijn die de tafels komen afruimen. Dan gelach en een mompelend "sorry, macht der gewoonte". Ik kan nog effe doorgaan. Maar liever niet. Het is gewoon strontvervelend. Het valt me op dat het altijd een bepaald soort mannen is dat zulke dingen zegt en doet. Blanke mannen ouder dan veertig/vijftig, met een zekere functie en een slecht gevoel voor humor. Je kan het hen niet kwalijk nemen, ze gingen waarschijnlijk naar een katholieke jongensschool, zagen hun moeder aan huis gekluisterd en hebben thuis een vrouwtje dat alles voor hen regelt. Je merkt aan hun uitspraken dat hun brein al aan het verkalken is en ze eigenlijk niet meer mee kunnen met deze snel veranderende wereld. It's kinda sad, really. Ze delven hun eigen graf. Eerlijk waar, ik ben nog nooit door jonge gasten vervelend behandeld. Zij vinden er niets vreemd aan dat een vrouw zaken doet, ook al zijn we nog steeds in de minderheid. Daarom kijk ik hoopvol naar de toekomst. Want die bouw je zelf. Trek wat vaker je bek open. Oefen op goeie comeback lines of ga gewoon met de man in discussie, duidelijk en beleefd. Gebruik humor, maar dan wel goeie. Rapporteer aan de verantwoordelijke. Verder run ik mijn eigen zaakjes en zorg ik ervoor dat ik in charge ben en de regels opstel van hoe we met mensen omgaan. En dat zou iedereen moeten doen die niet akkoord is met de gang van zaken. Want niet alleen vrouwen krijgen rotopmerkingen naar hun hoofd geslingerd, qua racisme kan het in Vlaanderen ook tellen.
“Wij, vrouwen tonen hoe het anders kan en moet”
anoniem_0.jpg
directeur in een middelgrote organisatie
Ik geloof dat meerdere mannen wel een keuze zouden willen maken om minder te gaan werken of om een sabbatjaar in te lassen, maar er niet aan denken, of als ze er aan denken, niet zien hoe ze dit moeten doen, en er ook minder waardering voor zullen krijgen dan vrouwen. Er zijn onderzoeken die aangeven dat organisaties met zowel mannen als vrouwen in de leidinggevende functies veel beter scoren. Wat meer “vrouwelijkheid” in de top van bedrijven/organisaties, leidt tot betere resultaten. Vrouwen kunnen een voorbeeld zijn voor anderen, ook mannen. Zeker dan vrouwen die al een stap verder staan in het bewust omgaan met hun loopbaan en die ook meer gebruik maken van de mogelijkheden die er bestaan om dat te doen. Ik wil ook een oproep doen naar vrouwen in sollicitatiegesprekken. Geloof in jezelf, toon wat je kan Daar heb ik vaak genderverschillen gezien bij selectie. De simpele vraag naar sterke en goede kanten toonden dat vaak. Er zijn natuurlijk heel wat uitzonderingen die deze algemene stelling ontkrachten, maar mannen hadden het toch vaak moeilijker om hun zwakkere punten te benoemen, vrouwen legden daar soms meer de nadruk op dan op hun sterke kanten. Nog zo’n typische vraag in sollicitatiegesprekken: stel dat je de job krijgt en mag starten met een maand vorming, welke vorming zou je dan nog willen volgen. Dit is een karikatuur, maar vrouwen hebben soms een lijst voor een jaar vorming, mannen denken dat ze alles al kunnen en helemaal klaar zijn voor de job. Vanuit werkgeverszijde vind ik het systematisch genderspecifiek samenstellen van de selectiecommissies een goede praktijk want vrouwen hebben meer inzicht in hoe vrouwen functioneren. Nog een item. Soms zijn mannen heel onwennig, weten ze niet goed hoe met vrouwen om te gaan. Mensen die seksistische opmerkingen geven, zijn meestal zelf heel onzeker. We moeten leuke manieren vinden om tegelijk duidelijk te zeggen dat sommige opmerkingen niet gepermitteerd zijn, maar hen tegelijk niet helemaal in de hoek duwen, want dan worden ze nog onzekerder. En misschien moeten we vrouwen wat meer handvaten geven om dit op een positieve manier op te pakken. iets in de zin van “help die onhandige mannen”.
Verschil tussen man en vrouw
anoniem_0.jpg
Anoniem
In mijn beroepsloopbaan als verpleegkundige waren er barema's van toepassing dus op het punt van loon was er geen verschil. Voor leidinggevende functies was er tot de jaren 90 zeker een voorkeur voor mannelijke kandidaten ook wel om de reden dat er zich toen weinig vrouwelijke personen kandidaat stelden. Zolang er echter nog doodsberichten verschijnen waar de vrouwen nog steeds als naam van hun man verschijnen kan je zien dat de onderdrukking van de vrouw nog altijd nazindert.(Gelukkig meestal de oudere generatie) Mij stoort het altijd mateloos.
:-)
anoniem_0.jpg
Babs Roex
12 jaar geleden startte mijn loopbaan (na studies pedagodische wetenschappen) als jobcoach bij Job-Link. Ik heb verschillende projecten kunnen trekken en mensen begeleid. Na een interne reorganisatie kwam er echter een beleidsfunctie vrij in de organisatie. Voorheen was dit altijd een voltijdse functie geweest, maar de combinatie werk en gezin is cruciaal voor mij en gelukkig werk ik in een vooruitstrevende organisatie. Ik kon dus deeltijds aan de slag blijven én mijn ambitie waarmaken. Na enkele jaren verliet de directeur de organisatie en kwam die functie dus vrij. Weerom heb ik het geluk gehad een vooruitstrevende Raad van Bestuur te hebben die vindt dat een directiefunctie niet onverenigbaar is met deeltijds werk. En dit is niet altijd vanzelfsprekend voor anderen. De vraag wordt me vaak gesteld of ik wel voldoende aanwezig kan zijn en of ik mijn werk wel gedaan krijg. Ik antwoord dan altijd dat ik niet minder aanwezig ben dan zoveel mannelijke directeurs die nog enkele functies naast hun directeurschap uitoefenen, wat dan wel sociaal aanvaard is. Daarnaast is Job-Link zo georganiseerd dat het geen probleem is dat ik deeltijds werk. Dit geldt trouwens voor alle medewerkers. Deeltijds werken en de combinatie werk gezin mag geen drempel zijn in onze organisatie en is dat niet. We leveren goed en kwaliteitsvol werk met gemotiveerde en enthousiaste medewerkers. En dat is onze kracht.
A la tête du client...
anoniem_0.jpg
Man in een universitaire instelling
Het is vast niet wat jullie willen horen maar omgekeerd bestaat ook discriminatie. Sommige leidinggevende mannen zijn blijkbaar erg gevoelig aan vrouwelijke charmes en geven daarom vaker toe als het gaat over het aanvragen van verlof of promoties of functiewisselingen, en sommige vrouwen maken daar gretig en dankbaar gebruik van, wat tot veel frustraties leidt bij mannelijke collega's.
Vrouwen jobs
anoniem_0.jpg
Catherine Van Bree
Ik werk als costume ontwerpster in film, een mannenwereld waar meer en meer vrouwen in werken , maar ben het departementshoofd dat het minst verdiend ( samen met make up ,de posten die meestal door vrouwen worden ingenomen.
vrouw wordt niet ernstig genomen
anoniem_0.jpg
moeder van 2 volwassen zonen
bij ons werken 3 vrouwen tussen 6 mannen. systematisch worden de vrouwen elk om beurt uitgescholden door de baas, nooit de mannen, om zijn frustraties af te reageren. als ik daar een opmerking over maak , ben ik een drama queen en verkoop bullshit, en stook anderen op. hij zegt nog net niet dat ik een "wijf" ben. ik heb het werk overgenomen van een mannelijke collega die met pensioen is gegaan 8 jaar geleden. ik doe hetzelfde werk en meer maar krijg 40% minder loon uitbetaald. ook andere mannelijke collega's die een functie uitoefenen met een gelijkaardige verantwoordelijkheid verdienen zo'n 40% meer. als ik opslag vraag, dan kan dat niet, en ik heb er een verkeerd beeld van, want wat dik doe stelt eigenlijk niet veel voor (ik ben boekhoudster, en de enige, dus er is geen vergelijkbare functie in het bedrijf, dus vakbond kan niets doen)
jezelf wat meer mogen zijn is ook al een vooruitgang zeker ?
anoniem_0.jpg
lesgeefster, 60 jaar, nog even verontwaardigd als vroeger
Ik kan hier geen boeiend of interessant verhaal opschrijven over mijn werk en leefcarrière. Dat ga ik dan ook niet doen. Maar ik weet wel dat op de werkvloer vele strijden gestreden worden. Door iedereen,man en vrouw. Ik weet dat niet altijd de juiste persoon de leiding neemt en de lakens uitdeelt. Ik heb al vele mensen zien sneuvelen omdat ze om de ene of andere reden 'het spel' niet juist konden meespelen. Ik heb vrouwen elkaar zien verraden. Ik heb mannen geruisloos de hiërarchietrap zien opklimmen. Ik heb vrouwen én mannen voor de rest van hun leven in een ziekenkasinkomen zien belanden. Dat haalt de krantenkoppen niet. Maar betekent veel leed voor de personen in kwestie. Als er op de werkvloer echte problemen opduiken wordt het nogal eens gereduceerd tot ' het persoonlijke tekort van iemand'. Ik vind het probleem 'je niet langer laten kleinhouden' toch wel complex. En zeker complexer dan alleen 'een ongelijk inkomen krijgen.' Daar kan je een cijfer op plakken. Dat kan je hard maken. Maar vele andere dingen kan je nooit hard maken. Vrouwen niet en mannen ook niet. Je krijgt niet vanuit je wieg dezelfde kansen en talenten mee om 'het spel goed te spelen'. Niet iedereen kan zichzelf zijn in het leven en in de tijdsgeest waarin zij of hij wordt ingegooid. Daarom vind ik het al een hele prestatie als men het kan opbrengen om ondanks fnuikende ervaringen in zichzelf te blijven geloven en een eigen persoonlijke weg te maken én het de anderen ook 100 % te gunnen. Dat zou ik echt al een fantastische vooruitgang vinden ! Op dit aspect mag er veel beter gescreend worden als het over functies gaat. In hoeverre heeft iemand : vrouw of man als leidinggevende dit menselijk inzicht en kan men daarnaar handelen ? Als iedereen 'de juiste kans' zou krijgen, zouden we vooral gelukkiger zijn op ons werk, we zouden meer op ons plek zitten. Er zouden minder stommiteiten gebeuren. Het zou er eerlijker aan toegaan. Door vrouwen én mannen. Ik hou goed hoop.
Stelt u die vraag ook aan jonge vaders, meneer?
anoniem_0.jpg
Twee universitaire diploma's, twee kinderen, Brussel
Onlangs ging ik solliciteren voor een baan met stevig wat ambitie. Want die heb ik. Ik heb ook twee jonge kinderen, en dat wist de directeur (mannelijk) van het instituut waar ik solliciteerde. Na een overtuigend gesprek, eindigde de directeur met de vraag: "Denk je echt dat deze job haalbaar is voor jou? Je bent tenslotte jonge moeder van twee kleine kinderen..." En hij voegde er grijnzend aan toe: "Of zal papa dan misschien voor de kinderen zorgen...?" Ik vroeg hem: "Stelt u deze vraag ook aan jonge vaders, meneer?" U hoeft niet te raden. Ik kreeg de job niet.
respect en efficiëntie - twee maten en twee gewichten
anoniem_0.jpg
Liesbet
Ik was verantwoordelijke voor een klein team binnen een organisatie die gendergelijkheid en werkbaar werk hoog in het vaandel draagt, althans naar buiten uit. Mijn voorganger was een man die er prat op ging/gaat dat hij massa's overuren doet en elk jaar een pak verlofdagen niet opneemt. De vraag of hij dan wel efficiënt werkte (geen overbodig werk, delegeren, samenwerken...), was taboe en werd niet gesteld. Ik zag dat anders en was zo naïef te veronderstellen dat dit binnen de organisatie geen probleem was, zolang het werk maar gebeurde. (Ik weet van mezelf dat ik heel efficiënt werk.) Was fout gedacht, op mijn functioneringsgesprek kreeg ik te horen dat ik niet genoeg overuren maakte. In mijn ervaring kreeg ik ook minder respect dan mijn voorganger en de andere mannen in de organisatie. Ik mocht de financiën niet beheren, wat mijn voorganger wel altijd gedaan had en nu ook bleef doen in zijn hogere functie. Ik kreeg hierover geen uitleg maar moest wel een vorming boekhouden gaan volgen (een vak waar ik tijdens mijn opleiding grote onderscheiding voor haalde); ook daarna mocht ik het financieel beheer toch niet overnemen. Over mijn vraag om toch tenminste toegang te krijgen tot de rekening om de courante uitgaven te kunnen doen, werd heel moeilijk gedaan en de beslissing werd op de lange baan geschoven. Later werd boven mijn hoofd en zonder rekening te houden met mijn mening beslist over de vraag van een van mijn medewerkers om deeltijds te gaan werken. Dit zou men zich nooit gepermitteerd hebben bij mijn voorganger of bij andere mannelijke collega's; bij mij kon het blijkbaar wel. Ik heb mijn conclusies getrokken en ben opgestapt. Mijn opvolger is een man met wiens mening wel meer rekening gehouden wordt. Vrouwen krijgen niet spontaan het respect dat mannen wel krijgen.
beleid en meerderheid van gangbare systemen is gemaakt dr mannen
anoniem_0.jpg
vrouw
Bij talrijke ervaringen kan ik op het moment zelf er niet de vinger op leggen. Maar nadien, als ik er letterlijk afstand van kan nemen, merk ik dat ik telkens weer in dezelfde valkuil trap. De valkuil is : willens nillens de spelregels van systemen volgen waarvan ikzelf het nut niet van zie of dat soort complexiteit niet doorzie. Als je nu alles zou omdraaien en er zou hoofdzakelijk door vrouwen beleid gevoerd worden en vooral hun systemen zouden gebruikt worden, dan zouden veel mannen het heel moeilijk krijgen om mee te kunnen denk ik. Alleen : ik denk niet dat vrouwen het op dezelfde manier zouden doordrijven én mannen zouden dit nooit pikken. Waarom blijven wij dat dan pikken ???
Contract zwanger
anoniem_0.jpg
Sara Lamens
Ik solliciteerde bij een internationaal communicatiebureau. Contract onbepaalde duur was de belofte. Net ontdekt dat ik zwanger was. Vooraleer zelfs mijn familie op de hoogte was, liet ik weten in het laatste selectie gesprek dat ik zwanger was. Er werd naar mijn bevallingsdatum gevraagd. Toen werd een contract van onbepaalde duur er één van bepaalde duur, tot en met de bevalling. Ze waren tevreden over mijn werk en toch werd het contract niet verlengd, maar er werd een nieuw aangeboden, ingaande na het moederschapsverlof.
Te veel vrouwen binnen het team
anoniem_0.jpg
Anoniem
Ik werk als software ontwikkelaar binnen een team die bestaat uit 5 mannen en 5 vrouwen. Binnen het team is een gebrek aan motivatie en vertrouwen aanwezig. Op een meeting daaromtrent deed de teamleader uit de doeken waar volgens hem het probleem ligt. Er zijn te veel vrouwen binnen het team. Zij nemen alles te persoonlijk. Daar kunnen de vrouwen wel niets aan doen, vermeldde hij er wel bij. Hormonen weet u wel. Mannelijke en vrouwelijke collega's beaamden. Ik wou het hier niet bij laten en ben hiermee naar een directielid gegaan. Die zij dat ik het maar moest uitpraten met mijn teamleader en dat het waarschijnlijk humoristisch bedoeld was. Haha! Dit heb ik dan ook gedaan en hij bleef bij zijn standpunt. Vrouwen kunnen aangeboren gewoon niet overeenkomen in groep. Volgens mij worden de problemen binnen het team veroorzaakt door een gebrek aan leiding en positieve feedback. Maar weet ik veel natuurlijk...
Geen vruchtbare vrouwen
anoniem_0.jpg
Sara Lamens
Een interimkantoor gaf me ooit het antwoord na het insturen van mijn sollicitatie dat het bedrijf er voor koos om alle vrouwen tussen de 23 en 35 categoriek af te slaan. Dit omdat ze zwanger zouden kunnen worden.
Slechte timing zwangerschap
anoniem_0.jpg
Sara Lamens
Ik meldde op mijn werk dat ik zwanger was. Ik kreeg vanaf toen elke (!) vergadering met mijn coördinator te horen 'dat hij blij voor me was, maar dat mijn zwangerschap op zo een slecht moment kwam'.
grenzen stellen
anoniem_0.jpg
VANERWEGEN
In die tijd kon ik nog geen grenzen stellen en werd geconfronteerd met een man die op pensioen ging gaan die kort voordien nog sexuele intimidatie op het werk naar me deed. Ik heb dit gemeld maar er werd niets aan gedaan, waarschijnlijk omdat hij op pensioen ging gaan.
technische bekwaamheid
anoniem_0.jpg
ELS VAN REMOORTEL
in mijn werkomgeving waren we met veel vrouwen en enkele mannen, allen met hetzelfde niveau van diploma. we deden hetzelfde werk maar als er een technisch probleem opdook ( defect, een moeilijke calibratie )werd door onze " vrouwelijke" chef uitsluitend een man aangeduid om het probleem op te lossen, zelfs al waren sommige van de vrouwen bekwamer dan deze mannen.
change manager
anoniem_0.jpg
Samira Fares
Dames, een vraag...Hoe zouden jullie staan tegenover een platform/site waar je jobs vindt die geplaatst worden door bedrijven die een inclusieve cultuur hebben en diversiteit praktiseren. Waarvan je weet als ik daar aan de slag ga dan gaan ze mij als vrouw waarderen en ondersteunen in de ambitie die ik heb. Een job waar je jezelf mag zijn... Een site waar je een coach vindt en een netwerk kan uitbouwen. Coming soon...Laat iets weten op f_samira@hotmail.com https://be.linkedin.com/in/samira-fares-b5a48a13groetjes
naar meer vrouwelijke ondernemers
anoniem_0.jpg
Christine Mattheeuws, voorzitter NSZ
Het aandeel vrouwelijke ondernemers is de afgelopen tien jaar grotendeels stabiel gebleven. 34 procent van alle zelfstandigen in ons land is een vrouw, maar dat kan volgens NSZ stukken beter. Indien we meer vrouwelijke ondernemers willen in ons land bestaat de oplossing er in om het sociaal statuut te versterken en vrouwvriendelijker te maken. Vrouwelijke werknemers kunnen van tal van voordelen genieten, gaande van 15 weken moederschapsverlof, 4 maanden ouderschapsverlof, tijdskrediet of de mogelijkheid om deeltijds te werken. In het zelfstandigenstatuut vind je die voordelen niet, waardoor het voor veel vrouwen niet evident is om als zelfstandige aan de slag te gaan. Uit onderzoek dat NSZ afnam bij 759 vrouwelijke zelfstandigen blijkt dat 51 procent het moeilijk heeft om het privéleven te combineren met hun professioneel leven. Vrouwelijke ondernemers die er wel in slagen om privé en werk op mekaar af te stemmen, kunnen haast altijd rekenen op hulp, intern of extern. Daarom stellen we vier maatregelen voor die de work-life-balans van vrouwelijke zelfstandigen meer in evenwicht moet brengen: een wettelijk systeem dat gepensioneerden en studenten toelaat om onderneemsters te helpen in het gezin, de uitbreiding van het moederschapsverlof tot 13 weken (nu 8 weken), een vrijstelling van betaling van sociale bijdragen voor zelfstandigen in moederschapsverlof en de automatische toekenning van de 105 dienstencheques waar ze recht op hebben eens ze bevallen zijn. Deze maatregelen zullen ervoor zorgen dat jonge vrouwen met een geruster hart voor het ondernemerschap zullen kiezen.
1 man onder 20 vrouwelijke collega's op hetzelfde niveau
anoniem_0.jpg
Anoniem
Er is 1 man per 20 vrouwelijke collega's in de werkomgeving waarin ik werk, onder een vrouwelijke baas. Hij krijgt het gedaan om minder in te moeten springen m.b.t. onaangename taken, zonder dat er "een haan om kraait". Mijn vrouwelijke baas durft hem veel minder openlijk kritiek te geven en hem minder in te schakelen. Hij wordt op vele vlakken gespaard en dus het komt erop neer dat iemand anders het dan wel op zich zal pakken.. Mijn bazin heeft op haar beurt niets anders dan mannelijke, erg patriarchisch ingestelde bazen, die haar autonomie vaak inperken..
nav overlijden Jan Hoet
anoniem_0.jpg
Anne-Mie Van Kerckhove
Het bericht van de dood van Jan Hoet rijt bij mij vele wonden open. Op het eerste gevoel roept hij bij mij niet veel goede herinneringen op. Terwijl ik hem soms heel tof vond en graag wat meer in zijn gratie had gestaan, ervoer ik hem meestal als een kwelduivel. Tierend in het wijwatervat van de ambtenarij en kleinstedelijkheid, denk ik. Want wie weet vanuit welke diepe krochten zijn innerlijk vuur gevoed werd. Zijn niet aflatende zoektocht naar sublieme meesterwerken, naar het bombarderen van kunstwerken tot meesterwerken, stootte mij ronduit af en was mijns inziens ook reactionair en nostalgisch, helemaal niet waar het in de hedendaagse kunst om te doen is. Zijn oordeel was onverbiddelijk, kon draaien als de wind, wat ik op zich dan weer geen negatief iets vond. Zijn impulsiviteit en charisma dienden graag de glorie van zijn eigen figuur, en wie onderdanig en hulpbehoevend genoeg was, of zich als dusdanig voordeed, kon er veel voordeel uithalen om in de gloed daarvan te blijven cirkelen. De eerste twintig jaar van mijn artistieke carrière heb ik mentaal rekening moeten houden met zijn macht en oordeel. Het was soms een hele klus om met een ijzeren wil van de invloed daarvan abstractie te maken; mijn leven als kunstenaar was aangenamer geweest met een mildere versie van Jan Hoet. Het ging gewoon niet goed tussen ons, hij bracht bij mij de vijand naar boven. Hij heeft ook nooit naar mijn atelier willen komen. Jan Hoet was een bijzondere vent, merkwaardig, grappig en dapper. Zijn energie was aanstekelijk. Hij is een van de sparringpartners met wie ik als kunstenaar altijd rekening zal blijven houden. (Ik heb natuurlijk altijd een problematische verhouding met mannen gehad. Die mannen met hun regels en restricties, met hun geboden en verbonden onder elkaar. Veel te weinig uitleg, veel te weinig inzicht krijg je in het waarom van beslissingen, van de dingen in het algemeen. Als ik het niet voel, neem ik nooit zomaar direct iets aan, of het nu goed of slecht is. Waarom zou ik? Het is toch mijn leven en ik moet ermee voort, elke milliseconde dat ik besta.) (deze getuigenis verscheen eerder in De Standaard)
het begint bij de opvoeding
anoniem_0.jpg
hardwerkende moeder van 2
Het begint bij de opvoeding. Heb ik niet meteen een sprekend voorbeeld van, al is mijn broer zelfzekerder uit 'dezelfde' opvoeding gekomen. Maar het begint ook bij diepgegronde stereotypes. Het is bewezen dat mensen gemakkelijker leuk gevonden worden als ze aan stereotypes voldoen. Vrouwen zijn zorgzaam, zitten met de gemeenschap in en zijn gevoelig. Mannen zijn drivers, providers, beslissers. Eeuwenoude stereotypes, maar dit feit verklaart waarom mannen leuk worden gevonden als ze hun achievements in de verf zetten of onderhandelen over loon, en dit voor vrouwen omgekeerd werkt. En leuk gevonden worden correleert sterk met toekomstige promoties, aangenomen voor een job, 'succes' (wat succes dan ook moge zijn, dat is een ander debat). Het verklaart bijvoorbeeld ook waarom meisjes op school vaak goede resultaten verbergen of minimaliseren, wij weten intuïtief dat we dan niet populair worden. Het straffe daaraan vind ik, dat zowel mannen als vrouwen, mensen afmeten aan de stereotypes. We zouden daar met z’n allen beter mee ophouden.

Schrijf zelf een getuigenis

Beschrijf wat jij meemaakte. Gebruik alle woorden die je nodig hebt.

Geef een titel aan je getuigenis.
Afbeeldingen moeten kleiner zijn dan 2 MB en mogen niet groter dan 2000x1500 pixels zijn.
Lees er hier meer over.